Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
37 MEDEN EN PERZEN.
die steeds moesten onderhouden worden, als een zinne-
beeld van het licht op aarde. Hunne verontreiniging was
ten strengste verboden, en daarom de lijkenverbranding,
in tegenstelling met de Indiërs en Grieken, bij de Perzen
niet geoorloofd. Waar de lijken niet begraven konden
worden, liet men hen liever over aan de roofdieren der
woestijn. Nog tegenwoordig is de vuuraanbidding bij
enkele Perzische secten, vooral de Parsis te Bombay,
bewaard gebleven.
§ 19. Om htm later gebied, de landschappen Medië
en Perzië machtig te worden, hadden de Ariërs een
hevigen strijd te voeren tegen de Mongoolsche stammen,
die zich daar vóór hen gevestigd hadden. Die strijd is
bezongen in het Schah-nameh of Koningsboek, het
^ groote Perzische heldendicht van Firdoesi. Niet overal
gelukte de verdrijving echter even goed: terwijl de Mon-
golen in Perzië geheel werden uitgeroeid, vermengden
zij zich daarentegen later in Medië met de nieuw aan-
gekomenen, die van hen o. a. de 'mstelling der Magiërs
overnamen, die eenigzins met de Sjamanen of toove-
naars der Mongolen overeenstemmen. Vandaar de latere
haat ook op godsdienstig gebied tusschen Meden en
Perzen.
Als de eerste koning van worcjt Z'iy'ff«, een her-
der, genoemd, die de hoofdstad Ecbatana stichtte. Spoedig
viel het land echter in de macht der Assyriers, van welke
het eerst bevrijd werd na de verwoesting van Niniveh
door den koning Cyaxares (635—595). Deze onderwierp