Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
20 DE EGYPTENAREN.
4000—1700. Het Oude Rijk.
1700—660. Het Middel Rijk.
660—525. Het Nieuwe Rijk.
In het Oude Rijk zien wij het gebied zich langzamer-
hand door enkele veroveraars als Pepi en Sesurtesen over
Middel- en Opper-Egypte uitbreiden tot de watervallen
van den Nijl. Groote gebouwen van reusachtige af-
metingen geven getuigenis van de dichte bevolking en
den trap van beschaving, dien zij reeds bereikt had. De
keuze der plaats, waar Menes Memphis stichtte, pleit
voor het diepe inzicht van dien vorst. Juist, waar de Nijl
zich in de armen van zijn delta gaat verdeelen, stichtte
hij de stad, die eeuwen lang door hare beheerschende
ligging het zwaartepunt van het land bleef, en uit wier
puin later in Cairo de hoofdstad van het nieuwe Egypte
zou verrijzen. Ten westen van de stad der levenden, aan
den woestijnkant, strekte zich At doodenstad\i)X.,az.nvf'Kx
inrichting zeker niet minder zorg besteed werd.
Het onsterfelijkheidsgeloof der Egyptenaren, dat hen
aan het voortbestaan na den dood deed gelooven, zoo-
lang slechts het lichaam gespaard bleef, bracht hen er
toe, de lijken, door het uitnemen der ingewanden en
het toebereiden met specerijen tot mumtnién te maken, die
eeuwen konden trotseeren. En tot hunne bewaring werden
de graven gebouwd, waarvan vooral de rotsgraven van
BeniHassan.^ aan wier wanden alle lotgevallen van den
overledene zijn afgebeeld, ons met het huiselijk leven
der oude Egyptenaren hebben bekend gemaakt. Gewoon-