Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE VOLKSVERHUIZING. 171
naamd Godegisel., d. i, geesel Gods. Plunderend en moor-
iknd trok hij naar het westen, tot hij in 451 de neerlaag
leed op de Catalaunische velden tegen den Romeinschen
veldheer Aïtius., die een verbond van een aantal Ger-
maansche volken tegen Attila had tot stand gebracht. Op
zijn terugtocht drong Attila nogmaals Italië binnen en
plunderde hij Rome, dat zesmaal achtereenvolgens dit lot
onderging. Toen hij stierf, spatte zijn rijk evenwel uit
elkander en verdwenen de Hunnen onder de naburige
volken.
Reeds lang hadden de Germanen in werkelijkheid over
den keizerstroon van het ineenstortende rijk beschikt.
De bevelhebbers der lijfwacht, Ricimer en Orestes stelden
naar willekeur keizers aan en zetten ze af, tot Orestes
eindelijk zijn eigen zoon Romulus Augustulus tot keizer
liet kronen. Tegen hem verzetten zich evenwel de Herulen
en Rugiërs, die een gedeelte der lijfwacht uitmaakten. Zij
vermoordden Orestes en zetten Romulus Augustulus af.
Hun veldheer Odoacer nam niet meer den keizerstitel
aan, maar liet zich kronen tot koning van Italië., en
maakte alzoo in 476 een einde aan het West-Romein-
sche rijk.