Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE INDIËRS. II
offer, was het gebed, htt Brahma. Van de wijze , waarop
dit werd uitgesproken , hing het af, aan welk offer de
goden de voorkeur gaven, en de mannen, die het best
wisten, hoe men zijn gebed aan de goden het welgeval-
ligst zou maken, door welke woorden en vormen men hen
het best voor zich kon winnen, de Brahmanend. i. de
bidders, stonden daarom in hoog aanzien bij het volk
en hunne hulp werd niet alleen door de minderen, maar
ook door den vorst voor elke gewichtige onderneming
ingeroepen.
S 7. Ongeveer 1500 v. Chr., toen de bevolking van
het Indusdal zich reeds aanzienlijk vermeerderd had, en
het land haar niet meer de noodige bestaansmiddelen
kon verschaffen, begon zij zich, de eene stam voortge-
drongen door de andere, naar het Oosten uit te breiden.
Nadat de eerste aankomelingen eenmaal de heerlijke
natuur der vruchtbare Gangesvlakte hadden leeren ken-
nen, volgden weidra de andere stammen i'n menigte, en
binnen een paar eeuwen was het geheele Gangesdal aan
de Ariërs onderworpen. De inboorlingen, tegen wie zij
een hevigen strijd hadden moeten voeren, waarvan hunne
heldendichten — liamayana en Mahabharata — talrijke
sporen hebben bewaard, behoorden tot het Dravidisch
ras, dat in lichamelijke en geestelijke ontwikkeling, verre
beneden het Arische staat. Zij werden daarom diep ver-
acht door de veroveraars, welke hen als wezens verbe-
neden zich beschouwden, geboren om te dienen, en
waarmede elke vermenging eene misdaad was. Zoo woon-