Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE GRACCHEN
117
worpen streken werd voor een groot gedeelte in produc-
ten opgebracht, die dus kosteloos naar Rome kwamen.
Vooral uit de korenschuur Sicilië werden groote massa's
gezonden, die gratis of voor zeer geringen prijs onder
het volk werden verdeeld. De Italiaansche boeren konden
daarmede onmogelijk concurreeren; zij geraakten achter-
uit en in schulden en lieten eindelijk hun land in den
steek om het Romeinsche gepeupel te versterken, dat
van de graanuitdeelingen der rijken leefde. Deze maakten
zich nu voor een kleinen prijs van de landerijen meester,
en veranderden ze in tuinen, boomgaarden en vischvijvers.
De middelstand verdween geheel en al, en meer en meer
deed zich het treurig verschijnsel voor, dat altijd tijden
van verval kenmerkt: naast een klein aantal millionairs,
die hun geld in overdaad verkwisten, een groot aantal
niets-bezittende proletariërs, die bij verkiezingen hunne
stemmen door den meestbiedende laten koopen, en
een gewillig werktuig zijn in de handen van eerzuchtigen,
die het bestaande willen omverwerpen ter bereiking van
eigen doeleinden. Verstandige mannen trachtten het on-
heil te beperken, maar zij waren machteloos tegen den
stroom, die Rome eindelijk ten ondergang zou voeren.
§ 83. Het waren de twee broeders Tiberius en Cajus
Sempronius Gracchus., wier vader zich in de Spaansche
oorlogen had onderscheiden, en wier moeder tot het
patricische geslacht der Corneliërs behoorde, die op den
weg der hervorming de Romeinsche toestanden trachtten
te verbeteren. Tiberius., in 134 tot volkstribuun gekozen,