Boekgegevens
Titel: De logische analyse
Deel: 1 Beschouwingen naar aanleiding van Prof. T. Roorda's rede-ontleding of logische analyse der taal
Auteur: Winkel, L.A. te; Roorda, T.
Uitgave: Zutphen: Willem Thieme, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1109
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205178
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De logische analyse
Vorige scan Volgende scanScanned page
44
het, wanneer men zegt: Er is nog hoter; Er zijn veel onge-
lukkigen op de wereld; want dan is zijn een begripswoord, en
geeft het bestaan in het algemeen of het aanwezig zijn op eene
bepaalde plaats te kennen. Als zijn het bloote koppelwoord is,
dan behoort het natuurlijk niet tot het gezegde. Wanneer bet
echter het bestaan of het zich bevinden op eene plaats uitdrukt,
dan, maar ook dan alleen, is het juist het voornaamste woord,
het hoofdwoord van het predicaat. Bij den heer eookba is
het zulks ook in het eerste geval, wanneer het, gelijk wij
zeiden, niet eens tot het gezegde behoort. Op blz. 49
lezen wij: nDe aardappelen zijn (of loorden, of blijven)
'f duur. Hier is d,e een bepaling van aardappelen, dat het
//hoofdwoord van het onderwerp is, en duur een bepaling
'/van zijn (of van worden of blijven), het hoofdwoord van het
'/gezegde. Het is namelijk een geheel verkeerde wijze van
//beschouwen, wanneer men een zin, zooals T)e aardappelen
»zijn duur, zich op deze wijze ontleedt, dat men de aardap-
npelen als onderwerp, duur als gezegde, en zijn als een derde
»deel van den zin aanmerkt, en dit dan de copula of het kop-
»pelwoord noemt. Neen, het gezegde in dien zin is niet duur,
//maar duur zijn" Grammaticaal laat zich zulks nog eenigzins
verdedigen, logisch, gelijk wij later zien zullen, zeker niet.
Wij durven niet bepalen , wat den heer roorda tot deze on-
juiste voorstelling gebracht heeft; misschien wel de hoop om
langs dien weg eenige moeilijkheden te ontgaan, die men door
het ontkennen der koppeling inderdaad venni.idt. Op het zijpad
echter, door Schrijver ingeslagen, stuit men op zwarigheden , die
nog veel moeilijker uit den weg te ruimen zijn, en waarvan
wij er thans reeds eene hebben aangetroffen. Het ontkennen
van zijn als koppelwoord hangt zamen met het ontkennen der
koppeling als derden actus in de gedachtevorming; en de
erkenning daarvan is, zooals wij boven opmerkten, onmisbaar
voor het juiste inzicht in den aard der gedachten en zinnen.