Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
81
eigenaardige bezwaren hebben. De waterrooting is gevaar-
lijk, omdat zij betrekkelijk te snel gaat; de luchtrooting duurt
lang , maar gaat zeker. Men heeft daarom begrepen
beide manieren te vereenigen, ten einde van beide de voor-
deelen te genieten , zonder aan de bezwaren te zijn blootge-
steld. Volgens deze derde manier legt men het vlas eerst
in het water, maar haalt het er uit, lang voor het genoeg
geroot is , en spreidt het dan over het veld, om het lang-
zamerhand tot de vereischte ontbinding te brengen.
Wanneer het vlas, op welke manier dan ook, genoeg
geroot is , wordt het gedroogd , dat nu eens door zonne-
warmte , dan door de hitte des vuurs geschiedt. Door dit
droogen wordt eene aanvankelijke scheiding van het uitwen-
dige en den bast veroorzaakt, en de stengel wordt daardoor
eoo broos, dat hij zich tusschen de vingers laat lijn wrijven.
Dezen brozen hontigen stengel te verbrijzelen, is het doel
van eene volgende bewerking, die men beuken of braken
noemt, en waarbij de vlasstengels tusschen de binnenste
stukken van een houten werktuig gebroken worden. Mis-
schien geeft uw onderwijzer , zoo hij over u tevreden is,
u van zulk een werktuig of braak wel eens eene afteeke-
ning op het bord.
Nu is de stengel in kleine stukjes gebroken , maar deze
stukjes hangen, althans grootendeels, nog tusschen den dra-
digen bast, en moeten er nu uit verwijderd worden. Dit
geschiedt door het zwingelen, en wel op deze wijze.
De werkman houdt een bosje vlas aan het eene einde met de
eene hand vast en slaat er dan met het vlakke zwingelhout
langs, zoodat de kleine houtsplinters bij duizenden op den
grond vallen, en men het zuivere vlas, geheel ontdaan van
het inwendige, overhoudt. Maar dat vlas bestaat nog niet
uit fijne draden; integendeel het zijn drie, vier of meer min
of meer breede strooken , waaraan men duidelijk kan zien,
dat zij te zamen den bast der vlasplant hebben uitgemaakt.
Zal evenwel het vlas ons van dienst zijn, dan moeten deze
strooken in fijne draden gescheiden worden. Dit geschiedt door het
hekelen. De hekel is een werktuig, dat van fijnestalen punten
voorzien is. De arbeider handelt nu even als bij het repelen.
Hij neemt een bosje vlas en slaat het bij herhaling op de fijne
punten, zoodat die er doordringen, en haalt nu het vlas naar zich
6