Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
'79
is somtijds zoo dik als uwe pink, de houtige stengel van
het vlas is nooit dikker dan eene dunne breinaald. Van
den vezeligen bast van den hennep , die wel sterk, maar
grof is, maakt men touw en zeildoek, van dien van het
vlas bereidt men het fijne garen, waarvan men zelfs de
echte kanten vervaardigt.
Het vlas beslaat uit een' dunnen houtigen stengel, omgeven
door een' dradigen , taaijen bast, het eigenlijke vlas; boven
aan dien stengel zitten knopjes , die eenige zaadjes bevatten
en die er van afgescheiden worden. Die zaadjes zelven zijn
zeer nuttig, want men doet ze bij zoet hout en andere din-
gen, om er een' verzachtenden drank van te koken, die
zeer nuttig is , als men zwaar hoest. Ook kookt men het
voor zwak vee en zieke paarden, en dient het dezen dieren
als medicijn toe. Daarenboven wordt uit dat lijnzaad de
lijnolie bereid , die de schilders met verschillende kleurstof-
fen vermengen, om er dan onze huizen mede te verwen.
Hoe men uit die zaden olie verkrijgt, hebt gij vroeger
vernomen.
Om nu die zaadknoppen van het vlas te verwijderen, ge-
bruikt men een werktuig, dat repel of reppel genoemd
wordt. Het bestaat uit een stuk hout, waarin vrij dikke,
vierkante ijzeren pennen bevestigd zijn, met de scherpe
kanten naar elkander , en dat niet in eene rij , maar ver-
scheiden rijen achter elkander; het gelijkt wel wat op eene
eg in het klein. De arbeider neemt een bosje vlas, slaat
dit met het boveneinde, daar de zaadknoppen zitten, in de
punten van het werktuig en trekt het vlas er door ; zoodat
de knoppen er afgetrokken worden, omdat dieniet tusschen
de pennen door kunnen. Deze knoppen worden daarna ge-
dorscht, om het zaad uit de bolsters te krijgen, en dit van
kaf gezuiverd en verkocht. Dan slaat men op den oliemolen
er de uitmuntende lijnolie uit, en houdt den lijnkoek ala
veevoeder over.
Thans moet de bast, die vrij vast aan den houtigen steiï'
gel kleeft, daarvan losgemaakt worden ; maar dit kan mei