Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
'53
laten bekoelen , om kristallen te verkrijgen; bij het zout is
dit niet genoeg ; want daar moet men het water verdampen.
De oorzaak daarvan is deze: de suiker lost veel gemakkelij-
ker op in heet dan in koud water ; het eerste kan dus veel
meer suiker opgelost houden dan het laatste, zoodat zich
bij bekoeling kristallen moeten afzetten. Van het zout daar-
entegen lost heet water niet meer op dan koud ; bij enkel
bekoeling vormen zich dus geene kristallen, maar slechts
dan wanneer men het water door verdamping verdrijft.
Wij zagen hoe men door de warmte der zon uit het zee-
water het ruwe zout verkrijgt. Ook de koude wordt in de
noordelijke landen daartoe somtijds aangewend. Wanneer
het zeewater bevriest, is het alleen het water, dat tot ijs
overgaat; al het zout blijft in het overblijvende vocht terug,
dat daardoor weldra zooveel zout bevat, dat het zich in
kristallen afzondert.
Op vele plaatsen bevinden zich ontzaggelijke hoeveel-
heden zout in den grond. Zulk zout heeft het voorkomen
van een' eenigzins doorzigtigen steen , en wordt daarom
steenzout, ook wel klipzout genoemd , en vormt groote
kgen, die men slechts uit de zoutmijnen heeft los te bre-
ken en naar boven te brengen. Het wordt in Engeland ,
Oostenrijk, Hongarije, Eusland, Tyrol en andere landen
van Europa gevonden. Vooral is de zoutmijn te Wieliczka,
bij Krakau, bekend , die zich tot eene diepte van wel 270
ned. el uitstrekt. Maar niet altijd is het zout in de diepte
te vinden. Bij het stadje Cardona aan de zuidelijke helling
der Pyreneën is een berg van zout, die zich meer dan 100
el boven de stad verheft, terwijl bij Northwich in Engeland
het zout bijna aan de oppervlakte van den grond gevonden
wordt.
Het steenzout is dikwijls zoo zuiver, dat men het alleen
behoeft fijn te maken , om in den handel gebragt te wor-
den. Dikwijls echter is het ook onzuiver, en moet dan ge-
raffineerd worden; ja niet zelden treft men lagen van klei
aan, (J^e rijkelijk met zout bedeeld zijn. Om het hier uit
te winnen^)' boort men er gaten in, die men vol water laat
loopen. Nadat dit er eenigen tijd in gestaan heeft, is het
met zout verzadigd , d. i. het heeft zoo veel zout opgeno-
men , als slechts mogelijk is, n. 1. ongeveer 27 pCt. Dat