Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
'31
sische Oostzee-provinciën wordt ook veel alcohol uit erwten
en boonen bereid.
De rum wordt verkregen door de melasse, eene soort van
stroop, die er bij de bereiding van de suiker overblijft, te
doen gisten en de vloeistof daarna te destilleren.
Even zoo wordt in Oost-lndië de arak, deels uit rijst,
deels uit het sap van sommige palmen bereid.
De brandewijn, die tot drank dient, bevat nooit meer dan
35 tot 45 pet alcohol, en is voor het overige water; heeft
hij meer dan 55 pet., dan noemt men hem spiritus of wijn-
geest. Boven de 90 pet. wordt hij gewoonlijk alcohol genoemd.
AZIJN.
Wanneer men bier aan de lucht blootstelt, dan verandert
het spoedig van smaak. Eerst verliest het zijn koolzuur en
daardoor het aangename en prikkelende. Men noemt zulk
bier verschaald. Daarna neemt het zelf zuurstof over van de
lucht, en wordt nu werkelijk zuur en bederft. Dit zuur-wor-
den heeft plaats bij alle vloeistoften, die alcohol bevatten. Men
noemt het wel eens zure gisting, schoon het eigenlijk geen
gisting is. Het is evenwel reeds de derde verandering, die
wij het zetmeel zagen ondergaan. De eerste heeft plaats bij
de vorming van de kiem ; dan wordt het zetmeel in gom en
suiker veranderd. Bij de tweede, de eigenlijke gisting, ont-
stonden uit deze stoffen koolzuur en alcohol, welke laatste zich
door destilleren laat afzonderen. Bij de derde, waarvan wij
nu spreken, verandert de alcohol in eene zure vloeistof,
azijn-zuur genoemd. Wat we als azijn kennen, is niets an-
ders dan water met meer of minder azijn-zuur. Meent even-
wel niet, dat alleen de granen zetmeel bevatten; dit komt
in de meeste vruchten voor, en ondergaat daar gedeel-
telijk dezelfde veranderingen. Dat onrijpe druiven , bessen,
appelen en peren bij het rijpen zoet worden, komt daardoor
dat er uit het zetmeel, "t welk ze bevatten, gom en suiker
ontstaan. Van al die vruchten kaa men het sap in gisting
brengen, en daardoor eene vloeistof verkrijgen, die alcohol