Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
'22
vocht in vaten getapt en op eene koele plaats bewaard. De gis-
ting mag evenwel niet geheel volbragt zijn ; voortdurend moet
zich eenig koolzuur uit het vocht ontwikkelen, waardoor het hoe
langer hoe beter wordt. Zelfs nadat het bier op kruiken ge-
tapt is, duurt de ontwikkeling van koolzuur nog voort.
Hierdoor ontstaat het opbruisen en schuimen van het bier,
als men de kruiken ontkurkt en het bier uitschenkt. Bier,
dat geen koolzuur meer bevat, noemt men verschaald; het
heeft zijn' prikkelenden smaak verloren.
BSAin)£'WUN.
Als men water genoegzaam verwarmt, begint het te koken;
het verandert dan in waterdamp, die in. het kokende water
opstijgt, door de oppervlakte van de vloeistof heenbreekt
en ze verlaat. Dit gaat bij genoegzame warmte zoo lang
voort, tot de geheele vloeistof verdampt is. Wordt die damp
tegen een koud voorwerp opgevangen , dan verandert hij weêr
in water. Zuiver water kookt, wanneer het tot 100 graden j
verhit wordt; eenige vloeistoffen koken veel eerder en dus
bij lagere temperatuur, terwijl andere daarentegen veel meer,
warmte dan het water behoeven. Tot de vloeistoffen , die spoe-
diger koken dan water, behoort ook die, welke wij reeds
als het bedwelmende van den Vijn hebben leeren kennen, en
die men nu eens alcohol, dan spiritus of ook wel wijngeest
noemt. Als dus eene vloeistof, die spiritus bevat, verhit
wordt, zal de spiritus eerder in damp opstijgen dan het overige
van de vloeistof. Op deze gronden berust de bereiding van
den brandewijn. De bewerking, waardoor dit geschiedt,
noemt men destilleren, dat eigenlijk zooveel beteekent ab
afdruppelen.
In het zuiden van Frankrijk, waar zeer geestrijke wijnen
gewonnen worden, destilleert men den brandewijn in het groot;
de wijn wordt daartoe in een' zoogenoemden destilleerketdi
gedaan, waarop zich eene soort van deksel bevindt, dat men
den helm noemt. In dat deksel is van boven eene opening;
eindigende in eene pijp of buis, die naër beneden leidt,