Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
dat naar boven gaat, en bij verdere ontwikkeling twee blaad-
jes vormt, die het begin eener nieuwe plant zijn.
Om van de gerst mout te maken, moet zij eerst kiemen;
daartoe wordt zij gedurende twee of drie dagen in laauw
water geweekt, waardoor zij opzwelt, en dan in lagen van
ongeveer zes duim dik over den moutzolder uitgespreid. Hier
moet het bestendig zoo warm gehouden worden, dat de hon-
derdgradige thermometer er 12 tot 15 graden aanwijst; daar-
door ontstaat broeijing, zoodat de gezwollen gerst warm
wordt en begint te kiemen. Daar de warmte zich vooral in
het binnenste van de hoopen ontwikkelt, wordt de gerst van
tijd tot tijd omgezet, tot zij gelijkmatig zoo ver gekiemd
is, dat de wortelkiempjes ongeveer de lengte van de gerste-
korrel zelve hebben, maar het bladkiempje zich nog niet
vertoont. Daar verdere ontkieming schadelijk zou zijn, wordt
zij thans gestuit, door de gemouten gerst te droogen. Dit ge-
schiedt nu eens op luchtige zolders en dan door behulp van
eesten. Het eerste verschaft luchtmout, het laatste eestmout,
die donkerder van kleur is dan de eerste, en wel te bruiner
naarmate men grooter warmte heeft aangewend. Daardoor
heeft men het in zijne magt een ligter of meer donker ge-
kleurd bier te vervaardigen Daar echter de bruine kleur een
gevolg is van eene aanvankelijke verbranding, wordt daar-
door het bier een weinig minder krachtig. Om nu de kleur
te verhoogen zonder verlies in voedingskracht, maakt men ook
wel van kleurende zelfstandigheid, bijv. van drop, gebruik.
De gerstekorrel, die in de aarde gelegd wordt, bevat in
hare harde schil het meel, dat voornamelijk uit zetmeel en
kleefstof bestaat; het laatste levert de kiem, die door het
eerste gevoed moet worden. Het zetmeel zou daartoe op-
losbaar in water moeten zijn; doch het is dit niet Door de
vochtigheid van den grond en warmte heeft er echter met
bet zetmeel een« gewigtige verandering plaats, daar het eerst
in eene soort van gom en vervolgens tot suiker overgaat ,
welke stoffen zich in water zeer wel laten oplossen.
Het mouten bewerkt^ geheel dezelfde veranderincr, en dient
dus om een veel grooter deel van gerst oplosbaar te maken,
en tevens eene hoeveelheid suiker te vormen, zonder welke
de gisting niet mogelijk is. Dat er werkelijk suiker ontstaan
is, blijkt daaruit dat het gemouten graan een' merkbaar zoe-
2*