Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
'18
Thans wordt het vocht, dat men half-wijn noemt, in
nieuwe vaten overgetapt en daardoor van den droesem be-
vrijd. Het vocht is nog troebel, maar smaakt reeds wijn-
achtig zuur en scherp, en werkt reeds bedwelmend. Die vaten
zijn gewoonlijk ligt gezwaveld, opdat de gisting, die de wijn
ondergaan heeft, niet in eene zure gisting overga. Hoe dit
zwavelen van wijnvaten geschiedt, hebt ge waarschijnlijk wel
eens gezien. Men gebruikt daartoe strooken liunen, die in
gesmolten zwavel gedoopt zijn, en waaraan de zwavel bij ver-
koeling stolt. Zulk eene gezwavelde strook linnen wordt
aangestoken en brandend in het vat gehangen, zoodat de
zwavel binnen het vat verbranden moet; daardoor wordt
de lucht, die in het vat is, van hare zuurstof beroofd ; want
om te verbranden heeft de zwavel zuurstof noodig. Daaren-
boven ontstaan door die verbranding zwaveldampen of zwavelig
zuur, dat gretig door de vochtige wanden van het vat wordt
opgenomen, later zich door den wijn verspreidt en van dezen
nog zuurstof aanneemt. De vaten worden geheel gevuld,
goed gesloten en vol gehouden om het verzuren tegen te gaan ,
dat zeker volgen zou, indien zich boven den wijn lucht be-
vond. Bij den wijn, in een' goeden koelen kelder bewaard,
heeft thans nog eene stille nagisting plaats, waardoor hij
gaandeweg krachtiger wördt, omdat er nog gedurig een wei-
nig suiker in alcohol en koolzuur ontbonden wordt.
BIEE.
Bier wordt van een afkooksel of aftreksel van graan ge-
maakt, en wel vooral van gerst, soms ook van tarwe of van
haver. Die bewerking, bierbrouwen genoemd, begint met de
vervaardiging van het mout. Wanneer men eene zaadkorrel;
in den grond legt, begint zij te ontkiemen. Eerst vormt
zich door de vochtigheid en warmte van den grond eeni
knobbeltje, waaruit een wit draadje te voorschijn komt , dat
zich in den grond benedenwaarts rigt en later in een wor-
teltje verandert. Daarna komt er nog een ander kiempje,