Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
110
maakt er messenbakken en geldmandjes van, of bezigt
bet lot horretjes of zeven, dan weder gebruikt men het
als traliewerk aan vogelkooijen , om schellen in beweging
te brengen, en als geleiddraden bij de telegraphen. Maar
ook veel metaaldraad vindt zijne aanwending bij het ver-
vaardigen van naalden en spelden. Ten slotte over de vervaar-
diging dezer laatste wel geringe , maar toch in verbazende
hoeveelheden gebruikte voorwerpen nog eeu enkel woord.
De spelden worden gewoonlijk van geel koper, slechts
zelden van ijzerdraad vervaardigd. Het koperdraad wordt
door de draadtrekkerijen, in groote bogten opgerold , afge-
leverd , cn is, zoo het niet ia schoongemaakt, met zwart
oxyde bedekt. Men begint daarom met het schoon te ma-
ken, en het zijne bogten te ontnemen. Voor het eerste be-
zigt men verdund zwavelzuur , dat het oxyde oplost, en
alzoo den draad schoonbijt, gelijk men zegt. Om het te
regten, trekt men hem tusschen zeven stiften door, die in twee
rijen digt bij elkander geplaatst zijn, en verdeelt het daarna
in stukken , die vijf of zes el lang zijn.
Eene speld bestaat eigenlijk uit twee deelen, nl. de
schacht, dat is de regte puntige draad, en de knop of
kop. Om de schachten te vervaardigen, maakt men eerst
stukken draad , die ile dubbele lengte der speld hebben ,
-voorziet die aan de beide einden van punten , eu suijdt ze
daarna midden door. Om die draadeinden juist de dubbele
lengte der speld te geven, gebruikt men het schachtmodel,
een' ronden houten koker, die juist twee spelden diep is
en wijd genoeg om honderd tot twee honderd draden te
bevatten.
In dit schachtmodel steekt men de metaaldraden bij ge-
heele bundels te gelijk , en snijdt ze met eene groote
schaar langs den rand van het scliachtmodel allen te gelijk
af. Tot het aanpunten bezigt men twee stalen schijven ,
•die ora haar middenpunt, even als een slijpsteen, draaijen ,
en welker randen als eene vijl zijn ingekeept ; zij verschil-
len daarin, dat de eene veel fijner behakt is dau de andere.
Tot het aanslijpen der punten neemt de werkman een der-
tig of veertig draadeinden te gelijk tusschen de vingers,
spreidt die waaijersgewijs uiteen, en houdt ze zoo, eerst
tegen de grove , later tegen de fijnere schijf. Zijn de beide