Boekgegevens
Titel: Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Auteur: Knuivers, T.; Helge, J.E.
Uitgave: Groningen: F. Folkers, 1864
2e, herz. en verm. dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1701 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205157
Onderwerp: Economie: industrie
Trefwoord: Natuurlijke stoffen, Industriële productie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Blikken op het gebied der technologie: een leesboek over handwerken en bedrijven
Vorige scan Volgende scanScanned page
'98
noemt. Zulk eene verbinding is het geel koper, dat uit;
koper en zink bestaat, verder het brons, het nieuw zilver
en vele andere. Het goud en zilver gebruikt men zelfs nim-
mer zuiver, maar altijd met koper vermengd, omdat die ;
beide metalen iu zuiveren toestand te zacht en daardoor te :
zeer aan afslijting onderhevig zijn. Goud en zilver, zonder'
eenig bijmengsel, noemt men fijn goud en fijn zilver. Om i
kenbaar te maken, in welke verhouding er koper of eenig
ander metaal is bijgemengd , is men gewoon op te geven i
hoeveel wigtjes fijn goud er in een pond van het mengsel
voorkomen; dit noemt men het fijn gehalte. Wanneer zich
bijv. in een' klomp goud of zilver, dat een pond weegt,,
900 wigtjes edel metaal bevinden, zegt men dat het fijn
gehalte er van 900 is.
Het fijn gehalte van het gemaakte goud en zilver is door:
de wet geregeld, en de gouden en zilveren sieraden worden,,
eer zij publiek verkocht mogen worden, van regeringswege;
gekeurd en van een' stempel voorzien, die het gehalte aan-
wijst. Dit geschiedt gedeeltelijk om te maken, dat de koo-
pers niet bedrogen worden, maar ook omdat daarvan, voor
het in den handel komt, belasting betaald moet worden.
"Voor het zilver heeft men tweederlei stempels, die aanwijzen
dat het gehalte bf minstens 934 of minstens 833 is. Voor
het goud heeft men wel vierderlei keur en dus ook zoo
veel stempels, namelijk voor goud van 916, 883 , 750 en
583 deelen fijn. Goud van minder dan 583 en zilver van
minder dan 833 mogt vroeger iu ons land niet verwerkt
worden. Tegenwoordig mag dit wel geschieden, maar de
stukken, die er van gemaakt zijn, ontvangen een' stempel,
die geen gehalte aanwijst, maar slechts een bewijs is, dat
men de belasting betaald heeft.
Het is ligt te begrijpen, dat het bijmengen van koper
bij het fijne goud en zilver invloed heeft op de kleur der
voorwerpen, die men er van vervaardigt. Om deze nu het
voorkomen te geven als of zij van zuiver goud en zilver
vervaardigd waren, verwijdert men het koper van de opper-
vlakte, zoodat de buitenste laag werkelijk zuiver metaal is.
Daartc^^|fÉi|||||g|tt^j^rpen zwak gegloeid, waardoor het
kin zwart oxyde verandert, maar
ptast wordt. Wanneer men nu