Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederlandsche taal
Deel: III
Auteur: Hout, J. van der; Brouwer, W.
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1892
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1733 : 4e dr. (dl III)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205153
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederlandsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
92.
Om te xerbnigeii en de verschillende vormen in
zinnen te brengen :
die wegen — deze keukenmeiden — die schepen —
deze tuinen — die dienstboden.
93.
Schrijf in deze zinnen de aanwijzende voornaam-
woorden in den vei*eischten vorm :
De bewoners (deze) stad bezoeken dikwijls (dit)
groote bosch. De eigenaar (deze) buitenplaats geeft
(deze) kinderen verlof in den tuin te spelen. (Deze)
daad heeft (die) boosdoener (deze) zware sti*af ge-
kost. De verjaardag (die) gebeurtenis bezorgde (deze)
soldaten veel pret. Kent gij (deze) heer ? Ik heb
hem (deze) week al meer gezien. Hij loopt altijd
met (die) zwarten hoed op en met (dat) hondje
bij zich. Hebben (deze) naaisters uwe japon ge-
maakt ? Neen, ik heb haar (die) naaisters gezonden.
De huisbaas zal (die) kamers van (dat) huis een
nieuw behangsel laten geven. Hoort gij (die) nach-
tegaal? Hij zit meestal in (die) boomen, achter (dat)
nieuwe huis, op (die) hoek daar. Verkiest gij (deze)
schoenen of (die)? Ik geef (deze) schoenen de voor-
keur. Het bevalt (deze) knapen niet, dat zij (deze)
zomer niet zwemmen kunnen. In (deze) duren tijd
kunnen (deze) werklieden met (dit) karig loon niet
rondkomen. Het zal (die) rechters nooit berouwen,
dat zij (dit) vonnis niet geveld hebben, overeen-