Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederlandsche taal
Deel: III
Auteur: Hout, J. van der; Brouwer, W.
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1892
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1733 : 4e dr. (dl III)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205153
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederlandsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
42
moeder helpen. Is (uw) tafel bruin? Wanneer gaat
gij nog eens naar (uw) geboorteplaats? Gisteren is
(mijn) moeder er geweest; (haar) reis was niet
voordeelig. Elk jaar brengt zij er (mijn") tante een
bezoek. De dagen (haar) jeugd heeft zij er doorge-
bracht. (Uw) zorgeloosheid steekt zeer af bij (haar)
bezorgdheid. (Uw) moeder hebt gij veel verdriet
veroorzaakt. De liefde (haar) dochter lenigt (haar)
5mart. (Haar) kunde is ons bij (ons) onderneming
y.eer te stade gekomen. Vertrouwt gij (uw) dienst-
bode de bewaring (uw) woning toe? (Haar) kalmte
■en (haar) liefde gedurende (zijn") ziekte geven haar
aanspraak op (mijn) blijvende erkentelijkheid. Het
bevalt (uw) mees in (haar) kooi niet best. (Uw)
luiheid en (uw) slechte levenswijze hebben u (mijn)
achting doen verliezen. (Zijn) levendigheid is een
gevolg van (zijn) goede gezondheid. Door (zijn)
willekeur werd (hun) nering groote schade toege-
bracht. In (haar) verstrooidheid heeft zij (uw)
muziek meegenomen. (Ons) vriendin zal (mijn) tante
<^haar) belofte herinneren.
re.
Ontleed deze zinnen:
Zijn paard loopt in de weide.
Het tuig zijns paards is nieuw.
De knecht geeft zijn paard 's morgens haver.
Koopt de boer zijn paard?