Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederlandsche taal
Deel: III
Auteur: Hout, J. van der; Brouwer, W.
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1892
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1733 : 4e dr. (dl III)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205153
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederlandsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
oom (geven) ons niet zoo spoedig verlof. (Laten)
gij nog iets ter herinnering aan u thuis? Ja, wij
(gaan) naar Amsterdam en (laten) ons daar photo-
grapheeren. Op den dag, dat wij (uitzeilen), (zen-
den) wij ons portret naar onze ouders. Of die daar-
mee blij (zqn)!
17.
Maak den voltooid toekomenden tijd der
werkwoorden in >'o. 15.
18.
Plaats liet werkwoord in den voltooid
toekomenden tijd:
Wij (schrijven) onzen brief, voor de post vertrekt.
(Betalen) gij de rekening, voor dit jaar verstreken
is? De boer (melken) de koeien en de knecht (halen)
de paarden , voor de zon (opkomen). De vluchte-
lingen (begrijpen), dat zij hier niet veilig waren.
Wanneer (afleeren) gij uwe slechte gewoonten ?
(Weten) zij op elke vraag het antwoord? Heden
over acht dagen (afloopen) de kermis. Binnen 14
dagen (bezoeken) ik mijne ouders. Hij (hooren) van
zijne vrienden de ware toedracht der zaak. Over
drie maanden (verlaten) hij de hoogeschool. (Eindi-
gen) hij dan zijne studiën ? Na zulk eene verklaring
(begrijpen) gij het wel. Zijne aankomst (doen) zijnen
ouders genoegen. Binnen korten tijd (verlaten) wij
het land. Over drie weken (inschepen) wij reeds.
Gij (verwonderen) u wel over het bericht, dat zijne
goederen morgen reeds (verkoopen). Op het oogen-