Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
\

Maak zinnen, waarin (Je volj^ende woorden in de ge-
geven volgorde voorkomen.
1. huis, timmerman, metselaar.
>) bootnen, zomer. bladeren.
5. landman , graan. akker.
4. winter, sneeuw, ijs.
5. schepcn, zeilen, hl room.
6. herder, scha|)en, heide.
7. molens, water. polders.
8. jongens, knikkers, tollen.
9. weiden. gras, klaver.
10. soldaten, geweren. sabels.
Geef de verschillende beteekenissen op, welke de vol-
gende zelfst. nw. kunnen hebben:
koo), njuil, boezem, golf, kruk, haan, pad, baai, klomp,
traan, prent, slot, gniaf, val, vel, stof, kooi, pot,, lot, slag.
Beproef eens of gij woorden kunt samenstellen, waarin
de volgende stamwoorden vooikomen;
goed, moed, prijs, boek, huis, wijs, mes, koe, jien, boom,
mond, bloed, weg, kom, wind, bloem, hoop, vol, zaak, zin.