Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
54
enaar, eel, heid, ier, ij, ik, in, ing, je, ke, m, nis,
schap, sel, sem, sl, sier, t.
Vorm van elk der volgende achtervoegsels twee afge-
leide bijv, naamw.
achtig, achlig, baar, el, en, haflig, ig, eng, lyk, loos,
sch, zaam.
Vóór ons ligt de Noordzee, die haar witgelople golven
voortjaagt naar hel strand, waar zij tuimelend in schuim
spatten, om eindelijk op den vlakken oever machteloos
weg te sterven.
Er is eene tooverkrachl, die het hart overweldigen en
den voel kluisteren kan, in heteenloniggeklotsderbaren,
als zij breken op het strand. En wal herinneringen worden
voor ons Nederlanders niet opgewekt, als wij den polsslag
hooren van den oceaan — van de zee, die onze vaderen,
door hen te oefenen en te harden in den slryd legen
de elementen, van een hoop visscherlui lot een volk
maakte, dal den toon dorst geven in Europa,
F. Nagtglas, Een bezoek aan Walcheren.
I. Welke werkw. hebben dezelfde of bijna dezelfde
beleekenis als voortjagen?
Waarom is 't werkw, voortjagen hier zoo juist
gekozen?
5. Wat verstaat gy door hel wegsterven der golven?
4. Is er onderscheid tusschen wegsterven en sterven?
ö. Wat is een tooverfcracht?
6. in het eentonig geklots der baren ligt een loovcr-