Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
43
Moeten we schrijven: zelfmoord of zelfsmoord, zelf-
opofTering of zelfsopoffering, zelfbedrog of zelfsbedrog,
en waarom?
Verbuig nu eens: ik zelf, hij zelf en zij zelve.
Verklaar de Tolgende uitdrukkingen.
!, Een tijdelijk doel. 6, Eene aanzienlijke menigte.
2. Eene tweede natuur, 7, Een levendig gesprek.
3. Losse gedachten. 8, Een beperkt aantal.
4. Invallende gedachten. 9. De gezonken moed.
5. Eene eigendunkelijke 10. Onze eerste plicht,
handelwijs.
\Yaaroni hebben de bijv. nw. sneeuwwit, gitzwart,
ijskoud, goudgeel, loodzwaar, lijnrecht, beendroog en
volmaakt geen vergrootenden en overtreflenden trap?
Zegt en schrijft men toch' niet weieens volmaakter,
O, a. in »Een volmaakter staal" en »Door oefening vol-
maakter?''
Men spreekt van het sidderend woud, het zwijgend
woud, hel eeuwenheugend woud; wanneer doel men dal?
Kunt gij nog andere bijv. naamw. vóór 'l woord wond
plaatsen? Voeg er dan levens biji wanneer men die
bijv. naamw. bezigt?
Breng de volgende versregelen in proza over, en maak
zooveel mogelijk gebruik v.'iU uwe eigene wooiden.