Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
32
óndergaan, ondergaan, onderhouden, onderhóuden, dóór-
loopen, doorlóopen, ónderhalen, onderhalen, ónderleg-
gen, onderleggen, óverstroomen, overstróomen, óver-
drijven, overdrijven, óvergieten, overgieten, óverkomen,
overkómen, óverladen, overladen, óverleggen, overléggen,
TÓorkomen, voorkómen.
Is 't hetzelfde of ik zeg : Daar ligt brood, daar ligt
een brood of daar ligt het brood? Jan koopt koek. Jan
koop een koek of Jan koopt den koek? Ik roep dokter,
ik roep een dokter of ik roep den dokier?
Nauw had de kikvorsch uitgesproken, of er gierde een
ooievaar door de lucht; ook was er al een troep jongens
op de been, die met vrij wat gerucht uil school kwamen
en 't regelrecht op hem aanhielden.
Wat beteekenen in dezen zin de volgende woorden :
nauw, uitgesproken, gierde, gerucht en aanhielden? Ko-
men deze woorden weieens in eene andere beteekenis voor?
Van welk geslacht is 't woord been F Moest er dan
niet slaan op het been?
Welke verschillende beleekenissen heeft 't woord vuur
in de volgende zinnen?
Hier verkoopt men water en vuur.
De beschuldigde verdedigde zich met vuur.
Vele soldalen zijn uog nooit in 't vuur geweest.