Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
dikwijls over het gansche bitter kleine huisje, het stond
er nog, toen hij, die de steenen er toe gegeven had, er
niet meer was. Andersen.
Wijs in het bovenstaande de bijv. naamw, en bijw. aan.
Er zijn er, die in dat geval anders zouden gehan-
deld hebben.
Wat is het eerste er voor een woord en wat het tweede?
Hoe vindt gij dezen zin? Zoudt gij het gebrekkige
er in ook kunnen verbeteren?
Weinige kennissen hebbende, zelden uitgaande, en
daarenboven van de opbrengst zijner landerijen le\ende,
had mijn buurman overvloedig tijd om zich zelf met 't
onderwijs en de opvoeding zijner kinderen te belasten.
Tracht het volgende te verklaren.
1. Gezond versland. 6. Degelijke kennis.
2. Angstige zorg, 7. Een voorbeeldelooze ijver.
3. Stil genot. 8. Nijpend gebrek.
4. Een voorbarig oordeel. 9. Een vruchtbaar onderzoek.
B. Eeneonuitputtelijkebron. 10. Wijze spaarzaamheid.
Maak zinnen, waarin de volgende werkwoorden voor-
komen.