Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
3. Welk dier wordt met hel moedig ros bedoeld?
4. Waardoor worden de liefelijke geuren veroorzaakt,
die door den luchtstroom gedragen worden?
Welke nieuwe schoonheden brengt elk ochtend-
uur aan?
Welk jaargetijde wordt in dit vers bezongen?
5.
6.
Plaats achter deze woorden dezulke, die juist eene
tegenovergestelde beteekenis hebben.
bezig. dom. hoogmoedig.
aardig. duur. handig.
aandachtig. dwaas. hoekig.
brandbaar. duister. lankmoedig.
buigzaam. fraai. lustig.
bar. frisch. laf.
blijde. gaar. loom.
beleefd. guur. krom.
lief. lastig. moedig.
helder. treurig. standvastig.
zuiver. zuinig. zwaar.
glad. hol. eerbiedig.
Reisvertellingen, dat zijn geen vertellingen op reis,
maar vertellingen over de reis.
Is dat dan niet hetzelfde?
Waarin verschillen de woorden rusteloos, ongerust en
onrustig van elkander, en waarin komen ze overeen?