Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
18
7. En vvat is een slimme jongen?
8. Wat wil 't zeggen slimme wegen Ie rechten?
9. Noem 't onderwerp uit den zin, die in de eerste
twee versregels vervat is.
10. Plaats dat onderwerp nu vooraan in dien zin.
Beproef eens om achter de volgende Zelfst. Nw. één
of meer woorden te voegen, die gelijke of bijna gelijke
beteekenis hebben.
spijs schip kracht.
geluk knecht zwaard.
vlijt armoede moed.
vaderland vaart gewicht.
storm vreugde weg.
hulp soldaat afbeelding.
Maak door voorbeelden duidelijk, welke diensten 't
woord alleen in de volgende zinnen verricht.
1. God alleen is almachtig.
2. Alleen op Donderdag vaart Fop naar Amsterdam.
3. Jan durft des avonds alleen eene boodschap doen.
4. Mijn broeder gaat alleen naar Haarlem.
5. Mijne zuster alleen gaat op reis.
1. Een levendig geweervuur. 6. Een kernachtig gezegde.
2. Een bezwaard geweien. 7. Het gekrookte riet.