Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
105
Vorm zinnen, waarin onderstaande zelfst. naamw.
londer lidwoord kunnen voorkomen.
Geluk, roof, gewoonte, geduld, buit, bloed, vrouw en
kinderen, adem, nacht en dag, Igf en ziel, hemel en
aarde, brood, wijn, garen, verzen, gras, zee, strand,
wind en storm.
Mijn broeder kent hem even goed als ik.
Wij stellen in die zaak veel belang.
Ik hoop u morgen een bezoek te brengen.
De dokter verklaarde die ziekte voor hoogst gevaarlijk.
Plaats in bovenstaande zinnen het woord althans ach-
tereenvolgens achter de cursief gedrukte woorden, en geef
de verschillende beteekenissen op, die de zinnen daardoor
verkrggen. —
Zins- en woordontleding.
]. Over het geheel lag een waas van deftigheid en
kilheid, waardoor het gevoel pgnlijk werd aan-
gedaan.
2. Wat zouden de menschen zeggen, als zij getuige
waren van zulk een gedrag?
3. Deze daad was ik mij zeiven en mijne waardigheid
als Koning verschuldigd.
4. Dit kapitaal wierp juist zooveel renten af, dat een
spaarzaam gezin zonder zorg daarvan leven kan.