Boekgegevens
Titel: Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Deel: Eerste stukje
Auteur: Dekker, Dirk
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1877
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 239 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205148
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verstaat gij ook, wat gij leest?: vragen en oefeningen op het gebied der Nederlandsche taal, ten behoeve van de verstgevorderde leerlingen eener lagere school, en van kweekelingen en hulponderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
M
8. Wat heeft uien te verstaan door het zwaard der
vergeldingl
9. Van welke personen zegt men, dat zij ergens
rezideeren"}
10. Is er onderscheid tusschen: De benden werden je-
slagen, en: De benden werden verslagend
11. Was het niet beter dat men zeide: Hij verloor Ae<
land en de kroon?
12. Als een vorst zgn land verliest, raakt hij dan niet
tegelgk zijne^Aroo/t kwijt, en omgekeerd?
Geef eene korte verklaring van de volgende spreekwoor-
den, waarin de schoenen de hoofdrol spelen.
1. Wien de schoen past, trekke dien aan.
2. Werp geen oude schoenen weg, vóór gg nieuwe hebt.
3. Hij staat vast in zgne schoenen.
4. Ieder weet zelf het best, waar hem de schoen wringt.
6. De moed zinkt hem in de schoenen.
6. Hg loopt met den dood in de schoenen.
7. Die het langst naar zijne schoenen zoekt, is er vaak
het best aan toe.
Kent gg de beide beteekenissen, die het woord loods
heeft? Weet gij ook, waarvan dat woord in elke van
beide beteekenissen is afgeleid?
Noem eenige woorden, die van man, kind, recht eu ruinl