Boekgegevens
Titel: Kramers' rekenboekje, bevattende driehonderd vraagstukken ..
Deel: 5e stukje Voor meergevorderde leerlingen en aankomende onderwijzers
Auteur: Kramers, H.W.
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor zonen, 1878
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 228 : 3e dr. (dl. V)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205126
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kramers' rekenboekje, bevattende driehonderd vraagstukken ..
Vorige scan Volgende scanScanned page
32
23. Van een rechthoekig stuk land, dat 504 HA groot is,
staat de lengte tot de breedte als 7 : 2. Hoeveel
dekameter is de omtrek ?
24. Een bak heeft den inhoud van 648 dM'. Kunt gij de
drie afmetingen berekenen, als gij weet dat de lengte
gelijk is aan 2maal de breedte en aan IV3 maal de
diepte ?
25. Als ik tien gulden van mijn geld by dat van C voeg,
is het elfde deel van zijn geld gelyk aan van het
mijne. Hoeveel heelt C., als g'y weet dat wij samen
ƒ63 hebben?
26. Een stuk land, dat de gedaante heeft van een trapezium,
is 252 A groot; de afstand der evenwijdige zijden is
12 DM en een dier zijden 15 DM. Hoe lang is de
andere evenwijdige zijde?
27. C. heeft 2000 KG tabak gekocht tegen ƒ 54 de 100
kilogram. Hij verkoopt die terstond tegen / 60, te
betalen kontant, '/j over 6 en de rest over 9 maan-
den. Hoeveel pet. 'sjaars won hij?
28. Iemand verteert van zijn geld het derde deel en een
derde gulden. Van de rest geeft hij andermaal een
derde gedeelte plus een derde gulden uit, en houdt
toen nog 7 gulden over. Hoeveel geld had hy?
29. Wanneer ik het getal 10020301 met 2332443 verminder
en 5465636 tot verschil verkrijg, kunt gij dan bereke-
nen welk talstelsel hier gebruikt is?
30. Als men het aantal guldens van A. in dat van B. deelt,
verkrijgt men 29 tot quotient. Vermenigvuldigt men
die getallen met elkander, dan bekomt men 18125 tot
product. Hoeveel heeft ieder?