Boekgegevens
Titel: Kramers' rekenboekje, bevattende driehonderd vraagstukken ..
Deel: 5e stukje Voor meergevorderde leerlingen en aankomende onderwijzers
Auteur: Kramers, H.W.
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor zonen, 1878
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 228 : 3e dr. (dl. V)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205126
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kramers' rekenboekje, bevattende driehonderd vraagstukken ..
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
95. Van een rechthoekigen driehoek is de hypotenusa of
schuine zijde 10,4 en een der rechthoekszijden 4 dM.
a. Hoe lang is de derde zijde ? b. Hoe groot is die
driehoek?
96. Van eene verkleinbare breuk, die gelijk is aan 'I3, is
de som van teller en noemer 185. "Welke is de
verkleinbare breuk?
97. Als men zekere breuk met ''V4 vermeerdert, verkrijgt
men op Vu na driemaal die onbekende breuk. Be-
reken die breuk.
98. Als men in zeker vierkant den grootst mogelijken cirkel
beschrijft, blijft er nog 15 cM' over. Hoe groot is
die cirkel?
99. Een cilinder en een bol hebben denzelfden inhoud. Hoe
hoog is de cilinder, als gij weet dat de middellijn van
den cilinder 14, en die van den bol 21 cM bedraagt?
100. Hoeveel is de oppervlakte van genoemden cilinder
meer dan die van den bol?