Boekgegevens
Titel: Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Serie: Leercursus ter beoefening der Engelsche taal, 2e ged
Auteur: Cowan, Frederick Martin; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Amsterdam: J.H. Gebhard & comp, 1877
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 6 : 7e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205090
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
78
tegenwoordigheid,/ar/- zich tevreden stellen, bloot, simple,
sence. to content one's self, vraag, demand,
volkomen, perfectly.
De Slag bij Hastings.
Eduard de Belijder stierf in 1066 en liet zijne kroon aan
Harold, zoon van graaf Godwin. De nieuwe monarch had
geheel den eed vergeten, dien hij gedaan had, om "VVillem,
hertog van Normandië, bij te staan in 't verkrijgen van den
Engelschen troon. Eigenbaat en eerzucht, versterkt door
oprechte vaderlandsliefde, noopten hem eerder 't ergste te
trotseeren dan zijn eed gestand te doen. Een heraut, gezon-
den met een prachtigen stoet, bracht Willems boodschap aan
den nieuwen koning. //Willem, hertog van JSTormandië," zoo
sprak hij, //herinnert u den eed, dien gij deedt." — Het is
waar, dat ik zulk een eed deed," zeide Harold, //maar het
was gedwongen en niet uit mijn eigen vrijen wil. Ik be-
loofde, wat ik geen recht had te geven. Mijn rijk behoort
aan mijn volk en niet aan mij. Ik mag het niet overgeven
dan op hunnen eisch." De heraut verliet 's konings tegen-
woordigheid; maar Harold wist volkomen wel, dat Willem
zich niet tevreden zou stellen met die bloote vraag.
talrijk, powerful,
vloot, pet,
bevel krijgen, to he ap-
pointed.
kruisen, to cruise.
Duins, the Downs.
te keer gaan, to oppose.
Normandisch, Nórman.
invaller, invader.
bijeenbrengen, to col-
léct, to assemble,
kust, coast,
Saksisch, Sdxon.
grondbezitter, land-
holder,
baron, thane.
zich verbinden, to
lind^ one^s self,
een verdrag aangaan,
to treat.
maar... of, hut éither...
or.
33.
overwinnen, to conquer, haven, harbour,
toen, then, noodzaken, to drive,*
• storm, storm, binnen loopen, to put *
losbarsten, to burst, * in.
opeens, at once. hare schade herstellen,
maken, to make. * to repair,
toebereidsel, prepard- strijder, warrior,
tion. liggen, to lie, *
tot, for, wachten op, io awdit.
krachtig, mighty, aankomst, arrival,
inval, invdsion. toen, when,
zooveel, that nümber o/.roepen, io summon.
transportschip, trdns' 't hoofd bieden aan,
port. to oppose,
spoedig, soon, verraderlijk, tréache-
weerhonden, to detain, rous.
terugslaan,beaiHack. vereeniging, conjunc-
wind, gale, tion.
opgesloten houden, to Noorwegen, Norway.
pen. * verwoesten, to lay"*
galei, galley. waste.