Boekgegevens
Titel: Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Serie: Leercursus ter beoefening der Engelsche taal, 2e ged
Auteur: Cowan, Frederick Martin; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Amsterdam: J.H. Gebhard & comp, 1877
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 6 : 7e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205090
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
56
niet eene vrouw den grooten Cyrus (f 530 v. C.) het hoofd
af? Viel niet Pyrrhus (f 272 v. C.) insgelijks door de hand
eener vrouw? Stierven Alexander (f 323 v. C.) en Hannibal
(f 187 v, C.) niet door vergif? En bieden niet de nieuwere
tijden dezelfde voorbeelden aan ? Stierf Napoleon niet op het
rotsige eiland St. Helena?
het bedkijvende webkwookd.
Alle regelmatige zwakke werkwoorden vormen in 't Engelsch
hun verleden tijd en verleden deelwoord door d of achter
de onbep. wijs te voegen.
Vervoeging van 't ïwakke bedrijv. werkw.
to love, beminnen.
Infinitive. Pre'sent. to love, beminnen.
// . Pasf. to have loved, bemind hebben.
Participle présent, lóving, beminnende.
// past. loved, bemind.
Indicative mood.
Présent tense.
I love,
thou lovest,
he loves,
we love,
you love,
they love.
ik bemin,
gij bemint,
hij bemint,
wij beminnen,
gij bemint,
zij beminnen.
/ loved,
thou ISvedst,
he loved,
we loved,
you loved,
they loved.
Imperfect tense.
ik beminde,
gij bemindet.
hij beminde,
wij beminden,
gij bemindet.
zij beminden.
In alle werkw., zwakke en sterke {to be uitgez.), wordt
de tegenwoordige tijd gevormd van de onbep. wijs, door
't voorz. to te vervangen door 't voornaamw.
Pérfect tense. Plupérfect tense.
I have loved, ik heb bemind, enz. Ihad loved, ik had bemind, enz.
First Future
shall or will love, ik zal
beminnen, enz.
First Conditional,
should or would love, ik zou
beminnen, enz.
Sécond tense.
I shall or will have loved, ik
zal bemind hebben, enz.
Sécond Conditional.
I should or would have loved,
ik zou bemind hebben, enz.
Imperative mood.
Love, bemin, bemint.
Aanm. 1. Het tegenwoordige deelwoord vormt men door z»^
achter de onbep. wijze te voegen: fo^ear», leeren, fcar«««^;/o