Boekgegevens
Titel: Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Serie: Leercursus ter beoefening der Engelsche taal, 2e ged
Auteur: Cowan, Frederick Martin; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Amsterdam: J.H. Gebhard & comp, 1877
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 6 : 7e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205090
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
Eigennamen op y volgen eveneens den algemeenen regel:
the Mdrysy the Henrys. Echter sprak men vroeger van tïie
two Sicilies^ het koninkrijk der Eeide-Siciliën, *
De volgende zelfst. naamwoorden vormen hun meervoud
op eene geheel onregelmatige "wijze:
child^ kind. children,
foot, voet, poot. feet,
goose, gans. geese,
man, man, mensch. men.
mouse, muis, mice,
ox, os. oxen,
tooth, tand. teeth,
woman, vrouw. tcómen.
De volgende zelfst. naamwoorden vormen een regelmatig of
onregelmatig meerv. volgens hunne verschillende beteekenis,
Iróther, broeder, Ir others; in figuurlijken zin brethren
b. v. AU men are brethren^ alle menschen zijn broeders.
die^ muntstempel, dies; in de beteekenis van dobbel-
steenen, dice,
pea, erwt, peas, enkele erwten; pease, erwten in 't alge-
meen als voedingsmiddel, handelsartikel, b. v. Bere are two
peas, hier zijn twee erwten; a cargo of pease, eene lading
erwten.
penny, stuiver, pennies, muntstukken van een stuiver; pence,
stuivers, als aanduiding van eene waarde, b. v. He gave
him two pennies, hij gaf hem twee stuivertjes; a shilling is
worth ttcelve pence, een schelling is twaalf stuiver waard.
Evenals man in 't meerv, men heeft, schrijft men ook; an
Énglishman, een Engelschman, Énglishmen, Engelschen.
a Frenchman, een Franschman, Frenchmen,
a gentleman, een heer, gentlemen, f
a statesman, een staatsman, statesmen.
Daarentegen:
a caiman, een kaaiman, caimans,
a German, een Duitsch^r, Germans,
a Mussulman, een Muzelman, Mussulmans,
a Norman, een Noorman, Normans.
* Ook leest men in Longfellow's Evangeline \
as ike peasants of Mrmandy huilt in the reign of the
Renries.^*
f Bij 't aanspreken van personen, zegt men 5t>, wanneer men
tot ée'n, Géntlamen, wanneer men tot meer dan één persoon spreekt.