Boekgegevens
Titel: Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Serie: Leercursus ter beoefening der Engelsche taal, 2e ged
Auteur: Cowan, Frederick Martin; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Amsterdam: J.H. Gebhard & comp, 1877
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 6 : 7e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205090
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
174.
Wanneer een werkw. van een zelfst. naamw. afhangt, ge-
bruikt men in onze taal de onbep. wijs, in 't Engelsch
echter of de onbep. w. of het tegenw. deelw., voorafgegaan
van een voorzetsel:
1 Tiad an opportunity to write, Ihad an opportunity of writing,
ik had gelegenheid om te schrijven (*). Men gebruikt echter
steeds de onbep. wijs, wanneer het zelfst. naamw. de eerste
naamv. van to he is, b. v. There is not the least reason to
heliece it, er is niet de minste reden om het te gelooven.
IETS OVER DE VERTALING VAN 'T HOLLANDSCHE WERKW.
LATEN.
In 't HoUandsch heeft het werkw. laten verschillende be-
teekenissen: die van hevelen, die van doen of veroor-
zaken^ 3® die van toelaten, veroorloven, die van in den-
zelfden toestand laten, die van laten behouden, 6® die van
achterwege laten, zich onthouden van. Voor bijna elke dezer
beteekenissen heeft het Engelsch bijzondere woorden:
1® Ter uitdrukking der eerste heeft men de werkw. io
commdnd, to órder, to bid en to teil, waarvan de beide eerste
een dadelijk bevel (in to commdnd echter veel stelliger uitge-
drukt dan in to órder), de beide laatste eerder een herinneren,
vermanen, zeggen aanduiden, als: The hing commdnded (órdered)
the mutinéers to be shot, de koning liet de muitelingen dood-
schieten. The gentral órdered the troops to form in square, de
generaal liet de troepen een carré formeeren. Bid my sérvant
call me of teil my sérvant to call me at five dclock, etc, laat
mijn knecht mij om vijf uur roepen. Teil my sérvant to brush
(of let my sérvant brush) my coat^ laat mijn knecht mijn rok
afborstelen.
Voor de tweede beteekenis, doen of veroorzaken, heeft
men in 't Engelsch de werkw. to cause^ to get, to have, to
let en to make: He caused him to he hled (of he had kim
(*) 'Tzelfde heeft plaats, wanneer werkw. van bijvoeg, naamw,
afhangen; dikwijls echter wordt de beteekenis gewijzigd, naarmate
men de onbep. wijs of wel het tegenw. deelw. gebruikt. Wanneer
men zegt: Be is sure to succéed, geeft men te kennen, dat er geen
twijfel bestaat, of hij zal slagen. Zegt men: lle is sure of iuccéed'
ing, zoo beteekent zulks, dat hij, van wien men spreekt, verze-
kerd is te zullen slagen.