Boekgegevens
Titel: Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Serie: Leercursus ter beoefening der Engelsche taal, 2e ged
Auteur: Cowan, Frederick Martin; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Amsterdam: J.H. Gebhard & comp, 1877
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 6 : 7e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205090
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
It is /, ik ben het.
It is ke, hij is het.
If is tce, wij zijn het.
It is you, gij zijt het.
138.
looze voorwerpen of «//é-re» zonder bepaalde geslaehtsaanwij zing,
terwijl men alsdan in 't Hollandsch de persoonl. voornaamw.
Ti'% zij of /iet gebruikt, naarmate het voorwerp mann.,
vrouw, of onz. is. Dus sprekende van een stoel, eene tafel,
een huis, zegt de Hollander: hij, zij, het is groot; de En-
gelschman daarentegen: it is large,
It, het, dient om, in verbinding met het hulpwerkw, to Ie,
het onderwerp eener rede meer te doen uitkomen; terwijl
echter ons het in zulke gevallen na het werkw. staat, wordt
it voor to be gezet:
It is they, zij zijn het.
It was I, ik was het.
It was we, wij waren het.
It was thty, zij waren het.
It was the sérvant who told it, de meid vertelde 't. It is
the dews and shotcers that mahe the grass grote, dauw en
regenbuien doen 't gras groeien. It was those héroes who
saved the country, die helden redden het land.
It is the s!ars,
The stats ahove us, govern our conditions»
King Leae, A. IV. Sc. 3.
Men/ ziet uit deze voorbeelden, dat het werkw. steeds
overeenstemt met it.
Wanneer het ter vervanging van een voorafgaand bijv.
naamw. dient, wordt het dikwijls vertaald door so\ Ee is
rich, but I am not so (/ am not), hij is rijk, maar ik ben
het niet. Vervangt het een voorafgaand werkw,, dan wordt
het in 't Engelseh of door so of niet vertaald: I told you
to taJce the letter with you, why did not you do so? ik zeide
u den brief mede te nemen, waarom deedt gij het niet ? You
helieve him, but I do not, gij gelooft hem, maar ik (doe
het) niet.
Het Hollandsch ei', verbonden met een werkw., wordt
vertaald door there'. Er is een God, there is a God; zulke
menschen bestaan er, the7-e are (extst) such pcojjle.
het bezittelijk voornaamwoord.
In onze taal gebruiken we dikwijls, in plaats van een
bezitt. voornaamw., een persoonl. of wederk. voornaamw.