Boekgegevens
Titel: Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Serie: Leercursus ter beoefening der Engelsche taal, 2e ged
Auteur: Cowan, Frederick Martin; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Amsterdam: J.H. Gebhard & comp, 1877
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 6 : 7e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205090
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretisch-practische spraakkunst der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
92
de hand geven; to cast anchor, het anker uitwerpen; to weigh
anchor, het anker lichten; to put in prison, in de gevangenis
zetten; to leave town, uit de stad gaan; to come to town,
in de stad komen; to go to change, to market, naar de beurs,
naar de markt gaan.
De uitdrukkingen to go to school, to church, to change
beteekenen: naar school gaan om te leeren, naar de kerk
om de godsdienstoefening bij te wonen, naar de beurs om
zaken te doen. To go to the school, the church, the change,
duidt een ander doel aan, b. v. om die gebouwen te zien.
Daar het lidw. the onveranderlijk is, is 't niet noodig,
gelijk in 't Hollandseh dikwijls 't geval is, het voor ieder
zelfsl. naamw. te herhalen: The house, shop and warehouse
are to he sold, het huis, de winkel en 't pakhuis zijn te
koop. The carpenter and Irichlayer, the locksmith, upholsterer
and painter have sent in their bills, de timmerman en met-
selaar, de smid, de behanger en de schilder hebben hunne
rekeningen ingezonden.
Het lidw. wordt inzonderheid uitgelaten, wanneer de voor-
werpen eenigermate bij elkander behooren: The bróther and
sister, de broeder en zuster; the knife and fork, het mes en
de vork; alsmede om den verbalenden stijl meer levendig-
heid bij te zetten: Father and móther stood aghast, son and
daughter wept, vader en moeder stonden ontsteld, zoon en
dochter weenden.
Het wordt herhaald, wanneer men met zekeren nadruk
spreekt, of elk der zelfst. naamw. meer bijzonder wil doen
uitkomen: The tówn-hall, the theatre and the library were
destróyed by the insurgents, het stadhuis, de schouwburg en
de bibliotheek werden door de opstandelingen verwoest. (*)
43.
groeten, to salüte. smakelijk vinden, io zich onderwerpen, to
alleen, simply. rélish.. êubmit.
mensch, chdracter. begeeren, io desire, io nadenken over, to re-
zich buigen, io bow. cóvet. Jléct on.
hongerig, hüngry, overtuigen, to convince.
(*) Soms kan de weglating van 't lidw. een verschillenden zin
te weeg brengen; Ile was accómpanied by the bóokseller and printer,
d. i. door één persoon, die deze beide beroepen uitoefent, terwijl
hy the bóokseller and the printer twee verschillende personen zou
aanduiden.