Boekgegevens
Titel: Nieuwe leerwijze der Engelsche taal
Deel: Tweede cursus
Auteur: Gerdes, E.
Uitgave: Amsterdam: P.N. van Kampen, 1856
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 580 : 1e dr. (dl. II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205055
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe leerwijze der Engelsche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
183
11. Feliciteren met, to wish one joy of. beleven, to live to see.
bijgevoegden, inclosed.
12. Voegen, to join, bede, request, opvrolijken, to divert, ge-
schiedenis, story.
13. Hiernevens, herewith, onlangs, lately.
14. "Wanen, to imagine, vreemd,/ore/^rn.
15. Rijden, to ride, verontschuldigen, to excuse, boos, angry.
16. Doordringen, to affect, van, with, moederlijk, maternel. be-
wijzen, to show, dankbaar, grateful*
17. Van plan zijn, to intend, inhalen, to repair, verzuimen, to
neglect.
18. Reeds lang geleden, long since, herinneren aan, to put in
mind of. niets tegen hebben, to have no objection to it. toestemming,
consent.
DERDE AFDEELING.
1. Wealthy, rijk. farmer, boer, pachter, to decline, afnemen, to
perceive, bemerken, to have with, opdragen, overlaten, injunction,
last, bevel, to disclose, ontdekken, openbaren, to communicate,
mededeelen. treasure, schat, to conceal, verbergen, harvest, oogst.
search, opsporing, to mention, melden, vigour, kracht, sterkte.
alacrity, levendigheid, vlugheid, to turn up, omspitten, consequence,
gevolg, pursuit, poging, to yield, opleveren, geven, plentiful, over-
vloedig. crop, oogst, to settle an account, eene rekening opmaken.
to compute, berekenen, to lay a wager, wedden.
2. To style, noemen, heeten. appellation, benaming, hardly,
naauwelijks. munificence, grootmoedigheid, benevolence, weldadigheid.
accession, komst, bestijging, unprovided, onverzorgd, to draw up,
opstellen, memorial, gedenkschrift, smeekschrift, to confide, vertrou-
wen. ojficiousness, dienstvaardigheid, courtier, hoveling, suit, ver-
zoek, bede. to confine, kluisteren, binden, pressure, nood, lijden.
anxiety of mind, zielenangst, suburb, voorstad, to indulge, dragen.
grief, smart, to implore, smeeken. Providence, de Voorzienigheid.