Boekgegevens
Titel: Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1841
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 K 70
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205038
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: 1800-1850, Lager onderwijs, Nederland, Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 46 )
ondetwei-p^fe'n voor het Lager Onderwijs, ter aan-
moediging van verdienstelijke Onderwijzers, ter
verbetering en verzekering van het bestaan en lot
der Openbare Onderwijzers; als mede ter meest
geregelde en meest vruchtbare onderwijzing en
opleiding der Bataafsche Jeugd: makende voorts,
benevens de Departementale en Gemeente-Besturen ,
van alle middelen, in derzelver handen gesteld
(Art. 3. der Wet), het best en convenabelst ge-
bruik , om het verbeterd Lager Schoolwezen en
Onderwijs ten krachtdadigsten te bevorderen, en
de Wetten en Verordeningen, omtrent hetzelve ge-
ëmaneerd , te handhaven en te doen nakomen.
Art. 32. De Raadpensionaris behoudt aan zich,
om dit Reglement zoodanig te interpreteren, te
altereren en te ampliëren, als in tijd en wijle
nuttig en noodzakelijk zal worden geoordeeld.
B. VERORDENINGEN op het af-
nemen en aßeggen der Examens
' - van degenen -, welke Lager On-
derwijs hegeren te geven in de
Rataafsche Repiihliek.
Art. 1. De Schoolonderwijzers (Art. 4 van
het Reglement) worden, ten aanzien van de mate
van bekwaamheid en de soort van Examen, dat
van hun gevorderd wordt (Artikel 16 der Wet),
onderscheiden in de vier navolgende Rangen:
De vierde of laagste Rang bestaat uit dezulke,
die in het Lezen , Schrijven en de beginselen
der Rekenkunde, de regel van Drieën inge-
sloten, tamelijk bedreven zijn, en tot het
geven van onderwijs. eenigen aanleg hebben.
De derde uit dezulke, die , in het Lezen , Schrij-
ven en Rekenen, zoo met geheele, als ge-