Boekgegevens
Titel: Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1841
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 K 70
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205038
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: 1800-1850, Lager onderwijs, Nederland, Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 42 )
tigd, mede de Speciale Admissie Ie verleenen tot
het geven van onderwijs aan de huizen binnen des-
zelfs ressort, met inachtneming echter van het vast-
gestelde bij Art. 17 der Wet, en van het vermelde
in het slot van het voorgaande Art. dezes Regle-
ments.
Art. 21. Op alle Scholen zal worden ingevoerd
en opgevolgd eene algemeene Schoolorde, door den
Secretaiis van Staat voor de Binnenlandsche Zaken
te ontwei-pen en te arresteren , en boven dien eene
bijzondere, in overeenstemming met de algemeene
ingerigt naar de versehillende behoeften en omstan-
digheden der onderscheiden Scholen , te ontwerpen
door het respectivelijk over dezelve gevestigd opzigt,
en, voor zoo verre dit vereischt wordt, te arreste-
ren , naar den aard der omstandigheden, het zij
door het Plaatselijk het zij door het Departementaal
Bestuur, met inzending van die alle bij de Com-
missie van onderwijs, door welke dezelve worden
ingezonden bij den Secretaris van] Staat voor de
Binnenlandsche Zaken.
Art. 22. Alle Schoolonderwijs zal zoodanig
moeten worden ingerigt, dat onder het aanleeren
van gepaste en nuttige kundigheden de verstande-
lijke vermogens der kinderen ontwikkeld, en zij
zeiven opgeleid worden tot alle Maatschappelijke en
Christelijke deugden.
Art. 23. Terwijl vastgesteld wordt het nemen
van maatregelen, om de Schoolkinderen van het
onderwijs in het Leerstellige van het Kerkgenoot-
schap , waartoe zij behooren, geenszins verstoken
te doen blijven, zal het geven van dit onderwijs
niet geschieden door den Schoolmeester.
Art. 24. De Schoolhouders en Schoolhouderes-
sen zullen, na verloop van een nader te bepalen
tijd, niet vermogen op derzelver Scholen eenige
andere Leer- of Leeshoeken te gebruiken, dan welke