Boekgegevens
Titel: Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1841
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 K 70
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205038
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: 1800-1850, Lager onderwijs, Nederland, Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Vorige scan Volgende scanScanned page
{ 31 )
Art. 14. Diegenen, welJfe zich, na hel in wer-
king brengen dezer Wet, zouden mogen verstouten,
om , tegen het in de beide voorgaande Artikelen
vastgestelde aan, eene Lagere School opterigten of
Lager Onderwijs te geven, onder welken naam of
op welke wijze ook, zullen voor de eerstemaal ver-
beuren de somma van vijftig Guldens, voor de
tweedemaal honderd Guldens, te bekeeren een der-
de gedeelte aan den Officier, hiertoe competent,
die de calange zal doen, en twee derde gedeelten
ten profijte van het Plaatselijk Schoolwezen, met
vrijlating aan den Regter, om, ingevalle zij onver-
mogend zouden mogen zijn, om gemelde boeten te
voldoen , aan de overtreders zoodanige andere arbi-
traire eonectie te infligeren, als naar aanleiding
van hunne personen en omstandigheden bevonden
zal worden te behooren , en voor de derdemaal hen
de inwoning binnen de plaats worden ontzegd, voor
den tijd van zes jaren.
Art. 15. Van de bepalingen, in het ISi^e Ar-
tikel gemaakt, zijn uitgezonderd alle de thans wet-
tig fungerende Onderwijzers , zoo lang zij niet van
School of Plaats veranderen, onder reserve nog-
tans van nadere voorziening, in geval van blijkbaar
wangedrag of verregaande onkunde.
Art. 16. De Algemeene Toelating tot het geven
van eenig Lager Onderwijs kan alleen verkregen
worden door het afleggen van een behoorlijk Exa-
men voor daartoe bevoegde Collegiën of Personen.
Art. 17. De Speciale Beroepingen, Aanstellin-
gen en Admissiën, geschieden door daartoe be-
voegde Personen of Collegiën , in dier voege , als
nader bij het Huishoudelijk Reglement, (Art. 20
vermeld) zal worden bepaald; zoo echter, dat
geene Beroeping, Aanstelling of Admissie zal mo-
gen geschieden , buiten behoorlijke voorkennis en
medeweten van, en voorafgaande vertooning der