Boekgegevens
Titel: Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1841
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 K 70
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205038
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: 1800-1850, Lager onderwijs, Nederland, Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 6 )
Art.. 17. Geen opènbaair SohooPOndenvijzer zal
van aijnen Post kunnen ontzet worden , dan alleen
rtegens Pligtverzuim , Burgerlijk of^Zedelijk wan-
gedrag ; in welk geval de aanklagte bij het De-
partementaal - Söhóol-Bestuur zal moeten geschié-
dec , J (het itwelk dezelve zal brengen ter kennisse
van den Agent > zullende' de finale afeetting"alleen
geschieden door het Uitvoerend Bewind.
Art. 18. 'leider Burger zal éen^bijzonder School
kunnen oprichten y om in hetzelve Onderwijs te ge-
ven eren als in de openbaare Schooien geschiedt,
doch daartoe alvoorens admissie Van het Gemeente-
Bestuur imoeteii verkrijgen , fen' even als de open-
baare Onderwgzers worden geëxamineerd.
rnArt. 19. Ieder Gemeente-Bestuur, binnen welks
ressort zodanige bijzondere Schooien zijn, zaliten
spoëdigsten een Plaatselijk School-Bestuür benoe-
meitl, uit niet minder dan drie Persoonen bestaande^
en..van derzelver aanstelliiig, gelijk medé van alle
veranderingen, in dat Collegie voorvallende', Icen-
nis geven aan den Agent ivan Nationaaie Ojjvoeding,
welke die Persoonen zal qualificeeren/tot ihet «fne-»
men der Examens van de bijzondere 'Schoolmeesters
en Schoolhouderessen.
Art. 20. Deeze Plaatselijke SchooUBestuurers
zullen zorge dragen, dat, binnen dërzelver Ge-
meente, ai geenè bijzondexc' Schooien worden topgo-
richt, dan ibp ibekomene uadmissie der Gemèenté-
Bestuuren, en na voldaan te hebben aan de Vooraf
waarden, daartoe vereischt. _
Zij zullen iveïpligt zijn, om alle middelen van
overtuigirig en aanmoediging aantewenden, ; ter ver-
betering i. van i het: bijzonder Onderwijs, en weering
der misbruiken, T uit onkunde of vooroordeel ge-
isprooten. — Zijüzbüënihet gebruik van schadelijke
ofverbodene Schoolboeken, Kaarten, Prenten «öil,
des noods door tusschenkomst van het Bargerlijk