Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederduitsche taal: voor de verst gevorderde leerlingen op de lagere scholen
Auteur: Kievits, H.A.
Uitgave: Amsterdam: C.J. Borleffs & J. De Ruijter, 1854
3e herz. dr; 1e dr.: 1838
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 151 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205028
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederduitsche taal: voor de verst gevorderde leerlingen op de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 45 —
84.
Nadat de Rijn in Graauwhimderlandhsiren oor-
sprong nam, vele kleinere riviertjes ontving, en
door de Bodenzee liep, heeft zij een weinig be-
neden Schaffhausen een fraaije waterval van 60
voeten. Voorbij Basel maakt zij de grensscheiding
uit tusschen Frankrijk en Duitschland, en vliet
nevens vele aanzienelijke koopsteden, totdat zij '
met andere stromen vereenigd bij het dorp Lohith
in ons land komt, en alhier door verscheidene
takken in zee haar ontlast. Voor den koophan-
del, vooral van ons land., is deze rivier van het
uiterste gewicht, daar de stoomboten met alle spoed
die rivier naar Duitschland afzeilen, of herwaarts
opzeilen , en dus gemakkelijk en gezwind de koop-
goederen of reizigers ter bestemde plaats brengen.
85.
Vriend! Hebt gij gisteren nadenmiddag gewan-
deld? (*) Ja, ik heb over de buitencingel gewan-
deld. — Hebt gij langen tijd gekuijerd ? Ja,
want ik heb ook met mijnen vriend E...... die
ik op de cingel ontmoete, naar het kleine, aan-
gename, gelegene dorpje O...... gekuijerd , en
ben daar een geruime tijd verbleeven. Het beviel
mij daar regt zeer. Ik heug mij niet in lange
tijd zooveel genoegen gesmaakt te hebben dan
juist gisteren. De schoone landelijke gezichten
(*) 'Wanneer schrijft men wij hebben gewandeld en wij zijn
gewandeld; wy hebben geloopen en wij zijn geloopen, enz. ?