Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederduitsche taal: voor de verst gevorderde leerlingen op de lagere scholen
Auteur: Kievits, H.A.
Uitgave: Amsterdam: C.J. Borleffs & J. De Ruijter, 1854
3e herz. dr; 1e dr.: 1838
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 151 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205028
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het zuiver schrijven der Nederduitsche taal: voor de verst gevorderde leerlingen op de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 33 --
voor dezelven in verscheidene opzichten onont-
beerel^k is, en velen hunner behoeftens vervult,
het is het rendier. De Laplander spant dezelve
voor sleeden, hij voedt zich met zijn vleesch, hij
kleedt zich met zijn huid, en berijdt zich van
zijne melk goede boter en kaas. Van zijne zee-
nuwen en peezen worden touw gemaakt, en van
zijne beenen naalden en snuisterijen. Zoo is de
natuur, onder de ongunstigste luchtstreek zelve,
nog rijk in zijne gaven.
61.
Mijn neef is uittermate verkwistig van aart.
Ofschoon hij aan de eene kant aan de armen
zeer vrijgevig is; en veel goed aan hun doet, zoo
bemint hij aan de andere kant ook zeer groove
uitspattingen , en maakt alzoo groote verteringen,
waarom eenige, en ik dunk niet zonder rede ,
vermoedden, dat zijne vrijgevigheid niet uit de
regte bron voorkomt, maar zijne oorzaak heeftin
zijne losheid van het geld. — Betamelijke uit-
spattingen zijn geoorloofd, en kunnen op zijn
tijd zelfs nuttig zijn ; maar wanneer men hiervan te
veel gebruik van maakt, dan worden zij alzins
schadelijk, en leidden menigmaal tot veel kwaad.
62.
De wijze solon werd gevraagd door cresus,
koning van Lijdie, ofliij hem, van wegens zijne
schatten, niet voor zeer gelukkig hield, Solon
leerde hem , dat men eenen mensch voor zijnen
dood niet gelukkig heten kan, en cresus moest