Boekgegevens
Titel: Algebraïsche cursus ten gebruike van de adelborsten aan het Koninklijk Instituut voor de Marine te Willemsoord
Auteur: Vries, B.L.
Uitgave: Nieuwediep: J.C. de Buisonjé, 1875-1882
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2528 : 3e dr. (dl. I)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205001
Onderwerp: Wiskunde: algebra: algemeen
Trefwoord: Algebra, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algebraïsche cursus ten gebruike van de adelborsten aan het Koninklijk Instituut voor de Marine te Willemsoord
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ifi
c. 3J —4)2i>|.
als X = 5, y = 6 , 2=8 en rmO is.
21°. En wat is de waarde van de volgende vormen:
a. ajö + (2c + rf)a —cj.
L\é d/^h ' c y J c d
als a = 10, c — ^, rf=r4 is?
22». Bereken de waarde van den vorm:
s(s — a)(s — i)(s — c)
als a — M, i = 14, c=15 en « —^(oH-ê+c) is.
§ 14. Het is klaarblijkelijk onverschillig in welke orde men de
letters naast elkander plaatst, daar zij toch in denzelfden vorm slechts
één bepaalde waarde kunnen voorstellen, onafhankelijk van de
plaats waar zij staan; het zal daarom wel hetzelfde zijn of men schrijft:
a + 4 + c+rf+e
dan wel; a-\- c-\- e + b d.
Insgelijks zal het geen verschil in de waarde van den vorm
geven, als men schrijft:
abcd, of achd, bcad, enz.
Men is [evenwel gewoon om de orde van het alphabet zooveel
mogelijk Hn acht te nemen en schrijft dus bij voorkeur:
I ;abcd.
Het schrijven van een vorm volgens een bepaalde orde noemt
men rangschikking, en in vele gevallen is een behoorlijke rang-
schikking een noodzakelijk vereischte. Bestaat de vorm uit on-
derscheiden termen, ieder uit meer dan een factor samengesteld,
dan kiest men een der letters als rangletter, en rangschikt dan
de termen naar de opklimmende of afdalende machten van die
letter; dat is, men begint met den term waarin de hoogste of
de laagste macht van die letter voorkomt als eersten term neder
te schrijven, plaatst daar achter als tweeden term, den term
waarin de naastvoorgaande hoogste of naastvolgende laagste macht
voorkomt, en zoo vervolgens tot dat men al de termen geplaatst
heeft. Moet men bijv. den vorm: