Boekgegevens
Titel: Leer- en leesboek der algemeene geschiedenis
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Kannegieser, Otto; Huberts, W.J.A.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1865 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 671 C 66,67
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204978
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leer- en leesboek der algemeene geschiedenis
Vorige scan Volgende scanScanned page
FBEDEKIK II IN DEN LAATSTEN TIJD ZIJNEE EEGEEING. 303
souci bij Potsdam op den 17den Augustus 1786. Hij liet eene
schatkist met 72 millioen en een leger van 300 000 man na.
Frederik Willem II (1786—1797) verkreeg de Frankische
vorstendommen Anspach en Bayreuth en vergrootte den staat
door den roof der Poolsche landen.
§ 140. veedeeling van polen.
De tweedracht, welke in Polen heerschte, berokkende den
ondergang van dit ongelukkige land. De macht der Poolsche
koningen, die sedert 1572 gekozen werden, was zeer beperkt
door den hoogen adel, die niet wilde gehoorzamen en zich in
gewapende confederatiën vereenigd had, om zijne voorrechten
en macht te verdedigen; het land was aan vele staatkundige
stormen prijs gegeven. Na den dood van Frederik August III
(1763) ontstonden er onder den Poolschen adel twee partijen,
van welke de eene de tusschenkomst eener vreemde mogendheid
verlangde. Door Russische hulp werd Stanislas Poniatowsky tot
koning gekozen, bij welke keuze de Russische gezant Repnin eene
groote rol gespeeld had. De tegenstanders van den nieuwen ko-
ning werden genoodzaakt om te vluchten. Bij deze staatkundige
verwarring kwamen ook godsdiensttwisten, daar de Dissidenten,
vrijheid van godsdienst en gelijkheid met de Katholijken eischten.
Rusland dwong den Poolschen rijksdag, beiden toe te staan. Het
gedeelte van den Poolschen adel, dat zich tot afschudding van
het Russische juk en tot verheffing der Katholijke kerk verbon-
den had, werd na eenen geweldigen burgeroorlog overwonnen.
De verslagenen vluchtten naar Turkije; de Turken verklaarden
nu aan Rusland den oorlog omdat hun grondgebied geschonden
was. Terwijl Rusland tegen de Turken streed, woedde in Polen
een heillooze burgerkrijg, welke het land hoe langer hoe on-
machtiger maakte tegenover de krachtige naburen ; deze, Rus-
land, Oostenrijk en Pruissen, namen bij het deelingsverdrag van
1773 de aan hun gebied grenzende Poolsche landstreken in be-
zit (Eerste verdeeling van Polen). De Poolsche rijksdag kon
slechts door ernstige bedreigingen gedwongen worden om dezen
roof lijdelijk aan te zien. Het overschot van het Poolsche rijk
behield zijne verderfelijke grondwet; de koning bezat zelfs de
geringste macht niet meer.
Onder de bescherming van Pruissen, hetwelk de toenemende
macht van Rusland vreesde, nam Polen in 1791 eene nieuwe