Boekgegevens
Titel: Leer- en leesboek der algemeene geschiedenis
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Kannegieser, Otto; Huberts, W.J.A.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1865 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 671 C 66,67
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204978
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leer- en leesboek der algemeene geschiedenis
Vorige scan Volgende scanScanned page
TILLY EN WALLBNSTEIN. 169
de keurvorstelijke waardigheid van de Palz aan Maximiliaan
van Beijeren opdroeg.
Ernst van Mansfeld werd nu met troepen en geld door Ja-
kob I van Engeland ondersteund en rukte weldra op nieuw in
het veld; ook koning Christiaan IV van Denemarken, een bloed-
verwant van Frederik V, wapende zich ter verdediging der Pro-
testantsche zaak, daartoe aangezet door Engeland, Holland en
Frankrijk, die de toenemende macht van Oostenrijk vreesden.
De keizer, naijverig op den vermeerderden invloed van Maximili-
aan, rustte nu zelf een leger uit. Wallenstein (Albreeht Wen-
ceslaus Eusebius von Waldstein, geb. 1583), een Boheemsch
edelman , die reeds in Hongarije tegen de Turken zijne veld-
heerstalenten getoond had, bood aan om een leger van 50 000
man op eigen kosten te onderhouden, als hij daarover het on-
bepaalde bevel, en later eene schadevergoeding in het verover-
de land ontving. Na eenig bedenken nam Ferdinand dezen
voorslag aan, beleende den dapperen krijgsman met de heer-
lijkheid Friedland en verhief hem in den rijksvorslenstand. Door
het vooruitzicht op buit aangelokt schaarden duizende oorlog-
zuchtigen zich onder Wallensteins banieren.
Christiaan IV trok op naar de Weser zonder tegen Tilly
iets belangrijks uit te richten, en hiermede begon het tweede
of Deensche tijdperk van den krijg. Mansfeld echter leed in 1624
aan de Dessauer brug tegen Wallenstein eene bloedige neder-
laag, welke hem dwong, naar Hongarije te trekken, waar hij
zich met Bethlen Gabor, vorst van Zevenbergen, wilde veree-
nigen. Hij stierf in 1626, en weinige maanden voor hem over-
leed Christiaan van Brunswijk. Nadat in dit zelfde jaar Christi-
aan IV bij Luther aan den Barenberg door Tilly verslagen was,
lag geheel Duitschland voor het leger der Ligue open. Wallen-
stein had Silezië veroverd en de hertogen van Mecklenburg, die
de Denen hadden bijgestaan, uit hun land verdreven. Holstein,
Sleeswijk en Jutland vielen in handen der keizerlijke troepen.
Christiaan IV moest in 1629 te Lübeck eenen vrede sluiten,
en kreeg zijne verwoeste landen terug, doch moest beloven om
zich niet weder met de Duitsche aangelegenheden te bemoeijen.
De macht des keizers zou nu vast gegrondvest zijn geweest,
wanneer hij met gematigdheid was te werk gegaan, en de Pro-
testanten in verzoenenden geest had behandeld. Wallenstein had
het hertogdom Mecklenburg verkregen. In Pommeren en Bran-
12»