Boekgegevens
Titel: De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Auteur: Leopold, Martinus
Uitgave: Groningen: J.M. Wolters, 1866
Wageningen: A. van der Veen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 643 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204925
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Vorige scan Volgende scanScanned page
80.
heldere, geheel aansehouwelijke wijze de leerlingen veel waarheden
zelf te doen vinden, die in de meetkunst door afgetrokken redenering
worden ontwikkeld, — dat is onder anderen duidelijk aangetoond
door Dr. D. J. Steijn Parvé in een lezenswaardige kritiek over ver-
schillende handleidingen voor de vormleer, geplaatst in de Nieuwe
Bijdragen van 1858, als ik mij niet bedrieg. In een nommer van
bet Ned. Tijdschrift voor Opvoeding van 't zelfde jaar vindt men
een even belangrijk opstel over dezelfde zaak van H. Bonman.
Het onderwijs in de vormleer is een voortgezet aanschouwingson-
derwijs voor alle klassen der lagere school.
148.
Uit 't laatstgenoemde opstel schrijf ik het volgende over :
„De vormleer is geen bijzondere wetenschap. Zoo als liaar ont-
werper zich de zaak voorstelde, was de Formleer eenvoudig een uit-
voerige reeks van aansehouwingsoefeningen over de voorstellingen en
begrippen, die op ruimte en uitgebreidheid betrekking heb-
ben. Zij had ten doel, om den leerling te oefenen in 't opsporen en
met heldere bewustheid vasthouden van de kenmerken en eigen-
schappen der op verschillende wijze begrensde ruimte; in het vin-
den van onderscheiden wijzigingen en zamenstellingen van
den vorm der uitgebreidheid; in 't onder woorden brengen van
't geen de geest daaromtrent als voorstelling en begrip opneemt: •—
en dat alles naauwkeurig volgens den afgebakenden leergang, die den
leerling van stap tot stap zelf laat zoeken en beproeven, opmerken
en in woorden kleeden en tot het heldere inzigt van waarheden
leidt, die men anders wel eens boven 't gebied van 't gewone
menschenverstand verheven waande. (De schrijver bedoelt ongetwij-
feld: buitetr 't bereik der zoogenoemde „niet-wiskundige koppen").
Die vormleer bevat alzoo dezelfde stof als de elementaire meet-
kunde. Maar — wat deze in een reeks van algenieene waarheden,
bepalingen en stellingen, in streng wetenschappelijke orde
en logischen trant ontwikkelt en naar de wetten van het denk-
vermogen tot een welgeordend stelsel opbouwt, — dat leert gene
langs zuiver aanschouw el ij ken weg opsporen en bevatten, ten
einde den geest tot het vormen van uaauwkeurige voorstellingen der
zinuclijke dingen en tot het vormen van zuiver afgetrokken denkbeel-
den op weg te helpen, en hem in het oordeelen en besluiten, in
geregeld denken te oefenen."