Boekgegevens
Titel: De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Auteur: Leopold, Martinus
Uitgave: Groningen: J.M. Wolters, 1866
Wageningen: A. van der Veen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 643 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204925
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Vorige scan Volgende scanScanned page
75
geestelijk ontstemd zijn komt ook bij hem voor, ja, voor den beste
en edelste breken uren aan, die zijn ziel met zwarte schaduwen
bedekken en «hem zijn werk tot den zwaarsten last maken. Terwijl
anderen echter in stille afgetrokkenheid of onder meer werktuige-
lijken arbeid rustig kunnen afwachten, dat de booze geest vali hen
geweken is, moet de onderwijzer onder de kinderen treden en
hun opwekker, httn levend voorbeeld, hun vriendelijk ernstige vader
zijn. Dat is zeer moeijelijk, en er is een hooge mate van waarach-
tige zelfverloochening toe noodig, om alle booze inblazingen te weer-
staan en het zware dagwerk zóó te volbrengen, dat men er later
zonder verwijt of ontevredenheid op kan terugzien.
't Is zeker gemakkelijker, hier een schoonen raad te geven, dan
hem op te volgen. Iets durf ik toch ter wille van onze kinderen
in herinnering brengen. De onderwijzer vergete niet, dat de som-
bere geest der zwaarmoedigheid alles donker kleurt, dat die geest
geneigd is, ieder misslag der kleinen te vergrooten, ja zelfs boosheid
en bedrog meent te ontdekken, waar slechts kinderlijke levendigheid
of jeugdige ligtzinnigheid is. Daaraan denkende zal het hem niet
moeijelijk vallen, het vaste voornemen op te vatten, in de gegeven
omstandigheden geen zware straffen uit te spreken of uit te voeren
ten einde zich zoo voor smartelijke overijlingen te vrijwaren.
Niet allen bezitten die zelfbeheersching. Er zijn nog wel scholen,
waar dc kinderen 's morgens angstig het gelaat huns mentors be-
studeren, digt bij elkander kruipen en elkaar toefluisteren, dat er
onweer aan de lucht broeit en er van daag wel wat waaijen zal.
Heeft men als leermeester ooit reden, om de bron van gebreken
in zich zeiven en niet in de kinderen te zoeken, dan is het op die
donkere dagen vau geestelijke ontstemming. Onder de gaven, die
een onderwijzer dagelijks van den Hemel mag afbidden, staan ge-
zondheid en een vrolijke zin waarlijk niet onder aan.
140.
Een fermen onderwijzer, die van ganscher harte en met ruste-
loozen ijver aan de verbetering van zijn onderwijs en van zich zei-
ven arbeidt, moet men niet door kleingeestige voorschriften in zijn
streven beperken; geen schoolopziener of schoolkommissie moet hem
de een of ander methode, 't een of ander tuchtmiddel willen op-
dringen.
Zulk een man komt door zich zeiven alle moeijelijkheden te boven;