Boekgegevens
Titel: De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Auteur: Leopold, Martinus
Uitgave: Groningen: J.M. Wolters, 1866
Wageningen: A. van der Veen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 643 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204925
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Vorige scan Volgende scanScanned page
53
digen tnenscL aangrijpt en opbouwt, des minder valt haar werk door
pronk en praal in 't oog, des te eenvoudiger en natuurlijker gaat
cr alles toe, ja, zoo natuurlijk en eenvoudig, dat menigeen op regt
naive wijze het geld beklaagt, dat hij voor haar uitgeeft.
Men kon cr nog in berusten, hoe noode dan, dat ook in de
opvoedings- en onderwijskunst dc marktschreeuwerij en kwakzalverij
nooit zullen uitsterven; doch het ergste is, dat kwakzalverij zich
niet vereenigt met die heilige liefde voor de zaak, welke toch maar
alleen tot het onderwijzersambt wijdt.
102.
De gymnastiek, vroeger zoo verketterd, is in den laatsten tijd
weêr het voorwerp van de algemeene aandacht en belangstelling ge-
worden. Ook zijn de gymnastische toestellen meer zamengesteld en
de oefeningen overvloediger en kunstiger dan hét eenvoudige begrip
en doel der gymnastiek zouden doen vermoeden. Mij schijnt aan
al dat zoeken en trachten en jagen op dit gebied slechts één ding
te ontbreken, en dat is — natuurlijkheid. Waar de oefeningen nog
iets anders beoogen dan een gezond, welontwikkeld ligchaam, daar
is men 't spoor bijster.
De gymnastiek-onderwijzer dient vóór alles onderwijzer te zijn,
^die éog door een anderen band aan de jeugd is verbonden, dan door
klimtoww, handbrug en rekstok.
103.
Landlieden, knechten cn meiden, de ambachtsman en de kleine
handwerker leeren meestal 't rekenen uit het leven, gedwongen door
de stellige eischen, die het op dit punt doet. De fraaije reken-
kunstjes van sommige scholen treden niet in 't leven; ze worden
aan kant gcpérpen, zoodra de knaap de school achter den rug heeft;
het rekenen van 't meisje en dc huismoeder is bovendien zuiver prak-
tisch en bepaalt zich slechts tot de dagelijksche keuken-, winkel- en
marktzaken.
liet komt dus hoofdzakelijk hierop aan, dat men door 't reken-
onderwijs het verstand opscherpt en den leerling tot zelfhulp be-
kwaamt zonder de strenge vormen cn regels der school.
Wij zouden nader bij zulk eon zuiver praktisch doel komen, indien
we 't onderscheid tusschen het uit 't hoofd- en op de lei rekenen.