Boekgegevens
Titel: De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Auteur: Leopold, Martinus
Uitgave: Groningen: J.M. Wolters, 1866
Wageningen: A. van der Veen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 643 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204925
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
Jende groepeiiiig en scliilderiug van interessante, leerrijke individuen,
een natuurlijke historie in hiographiën., als ik mij zoo mag uitdrukken;
deze moet ieder onderwijzer met juisten takt naar tijd en plaatselijke
omstandigheden zelf uitbreiden.
Wie lust gevoelt, over dit punt een eeht paedagogische beschouwing
te lezen, vol treffende waarheden en bezield met een warmen gloed van
overtuiging, make kennis met een boekje van den populairen Ros/muisz-
ler, getiteld: Dfr nainrgeschichtliche Unterricht.
86.
Wat de volksschool dikwijls door haar vijanden als verwijt wordt
aangewreven, is haar geringe invloed op 't leven, het spoedig ver-
vloeijeu van 't geleerde en het in 't oog vallend gebrek aan de toepas-
sing daarvan buiten de school. Dat verwijt treft des te dieper, als
men bedenkt, dat onze kinderen de school gedurende zeven of acht
jaren bezoeken en dat dus ongeveer een zevende van den leeftijd
schooltijd is.
Onderwijzers, welke al 't gewigt en den omvang van zulke verwijten
gevoelen, en wien het met de schoone gedachte, om door de school
het zedelijk en verstandelijk volksbestaan te veredelen, werkelijk ernst
is, moeten zich tot dat einde bijzonder helder trachten te maken, wat
van al 't geleerde wel-blij ven kan en wat verdwijnt.
BUjven zal eu kan vóór alles de vorming en ontwikkeling van ver-
stand en hart, welke de leerlmg in de schooljaren heeft verkregen.
Verdwijnen zal menige voorname beuzeling en menig uitvloeisel van
schoolmeesterachtige ijdelheid, namen- en getaUenkraam, van buiten
geleerde pralerij en geheugenwerk; — verdwijnen zal alles, wat niet
met het oog op de waarachtige bestemming des menschen geplant of
aangekweekt is. Maar wat een ernstig, liefdevol onderwijzer voor tucht
en goede gewenning gedaan, wat hij ter opwekking en veredeling vau
't zedehjk en godsdienstig gevoel, ter oefening van 't verstand heeft
gewerkt, dat blijft cn heeft een zegenrijken invloed op het leven.
87,
Veel uit het gebied der taalkunde, der natuurlijke historie, der
geschiedenis, enz. moge vergeten of in de school worden achtergela-
ten , het aan denken gewende hoofd vindt overal aanleiding tot deidcen
in 't leven en oriënteert zich overal; het ontwikkeld, zedelijk en gods-