Boekgegevens
Titel: De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Auteur: Leopold, Martinus
Uitgave: Groningen: J.M. Wolters, 1866
Wageningen: A. van der Veen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 643 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204925
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
en uitvoerigheid door zangers, ouders cn grijsaards overgeleverd; en
wij kunnen niet ontkennen, dat het volk zijn helden beminde, achtte
en bewonderde, zich door hun aandenken tot maimentrouw, tot dap-
perheid en burgerdeugd aansporen liet.
84.
Op de meeste scholen wordt aan 't onderwijs in de plant- cn dier-
kunde naar evenredigheid slechts zeer weinig tijd besteed. De leerboe-
ken moeten doorgaans aUes doen en bevatten daarom overzigten,
klassifikaties en magere beschrijvingen. Daarmee zijn wij evenwel
bitter weinig geholpen; want ze missen dien frissehen, levendma-
kenden adem, welke door de natuur zelve waait, cn worden gedachte-
loos gelezen en weêr vergeten. Zal het leesboek werkelijk nut stichten,
dan moet het geen dorre takken, maar frissche, groene twijgen en
bloesems uit den tuin der natuur leveren, — dan moet het in de le-
vendige schildering van belangrijke, leerzame bijzonderheden zijn
over 't geheel lichtwerpende kracht zoeken. Een enkele frissche schil-
dering is een zou, die haar stralen rondom zich versprèidt en meer
verwannt, dan de koude starren van een welgeordend, blinkend systeem.
Maar dan moet de onderwijzer die stof ook weten aan te wenden en
zich in dc leeruren door vragen, verklai-en en uitlokken zoeken tc
overtuigen, of zc goed wordt opgenomen en zelfstandig teniggegeven.
Ook de sjinboliek der dieren- en plantenwereld, die meestal uit fijne
aimschouwing is geboren, moet men zich ten nutte maken, om dc
schildering van interessante, enkele dingen tc verlevendigen cn met een
dichterlijken adem te bezielen.
85.
Dc onderwijzer der lagere school moet ook de denk- eu spreekoefe-
ningen in toepassing brengen bij de beschouwing van hel dieren- en
plantenleven. Reeds met de kleinsten kan hij ontwikkelend over enkele
planten en dieren, hun deelen, hun nut, hun bijzondere kenmerken,
enz. spreken.
Ook de oefeningen in 't schriftelijk gedachtenuitdrukkcn behoorden
zich meer aan de stof tc houden, uit het rijk der natuur genomen; zc
zouden daardoor onget-Hijfeld in leven eu belangrijkheid wumcn.
Bijzondere leergangen voor dit onderwijs in onze elementairscholen
hebben wij minder noodig. We hebben alleen behoefte aan een geor-